LEONARDO IN DE NATIONAL GALLERY

LEONARDO MAESTRO FIORENTINO IN MILANO

De Dame met de Hermelijn

Zullen de kunsttoeristen zich door de recente rellen laten afschrikken om dit najaar naar Londen te reizen? Daarvoor lijken de verleidingen te groot. Terwijl de Royal Academy Degas en het Ballet brengt en Tate Modern vanaf 6 oktober een retrospectief aan Gerhard Richter wijdt, komt de National Gallery vanaf 9 november met Leonardo da Vinci: schilder aan het Hof van Milaan. Aanleiding voor de laatste expo is de voltooide restauratie van een schilderij uit de eigen collectie: De Madonna in de grot. Aangezien een eerdere versie van dezelfde compositie, die in het Louvre hangt, ook acte de présence geeft, kunnen beide madonna’s worden vergeleken. Bovendien bleken ook het Vaticaan, Pinakotheek Ambroisana in Milaan, het Czartoryski Museum in Krakau en de Hermitage bereid om pronkstukken te lenen. Nooit eerder werden zoveel van de vijftien aan Leonardo toegeschreven schilderijen bijeengebracht. Negen om precies te zijn: twee versies van de Madonna in de Grot, La Belle Ferronnière , Sint Hieronymus in de Woestijn, Portret van een Musicus, De Dame met de Hermelijn, Madonna Litta, de Madonna met de Spindel en de verloren gewaande maar onlangs herontdekte Salvator Mundi.                                      Zoals de tentoonstellingstitel aangeeft ligt de focus op schilderijen die Leonardo (1452-1519) in de jaren tachtig en negentig van de 15e eeuw produceerde, als hofschilder van de Milanese hertog Ludovico Sforza, bijgenaamd Il Moro vanwege zijn donkere trekken. Nadat hij in Florence in de leer was geweest bij de beroemde beeldhouwer-schilder Andrea del Verrocchio en als onafhankelijk kunstenaar had gewerkt trok Leonardo omstreeks 1482 naar Milaan. Waarschijnlijk kwam zijn eerste contact met Ludovico tot stand via Lorenzo de Medici die culturele diplomatie bedreef door Florentijnse kunstenaars als het ware uit te huwelijken aan collega-heersers uit andere Italiaanse stadstaten. Hofbaantjes waren bovendien zeer gewild onder kunstenaars, niet alleen vanwege het vaste salaris en de protectie maar ook vanwege de traditie om de hofkunstenaar een behoorlijke vrijheid te verlenen. Ook dat laatste was aantrekkelijk voor Leonardo, die het experimento als sleutelmethode van zijn artistieke praktijk hanteerde. Dus bood hij Ludovico in een brief zijn diensten aan. Met het oog op de militaire prioriteiten van de Milanese heerser wijdde hij eerst uit over zijn expertise als wapen- en fortificatieontwerper. Pas aan het eind van zijn sollicitatie bracht hij zijn kwaliteiten als kunstenaar ter sprake: ’Ik kan sculpturen, in marmer, brons en klei uitvoeren, en ook in de schilderkunst kan men mij met iedereen vergelijken, wie het ook zijn mag.’                     Toch plaatste Ludovico hem niet direct op zijn loonlijst, vermoedelijk betwijfelde hij of Leonardo zijn zelfverzekerde presentatie kon waarmaken. Wel ontving Leonardo in Milaan van de Broeders van de Onbevlekte Ontvangenis een opdracht voor een altaarstuk in de kerk van San Francesco Grande.

Dit zou de eerste versie worden van de Madonna in de Grot ( die van het Louvre dus). Een complexe compositie van meerdere, al of niet in draperieën gehulde heilige personages, tegen de achtergrond van een met planten begroeid rotslandschap. Duidelijk het resultaat van intense natuurobservatie: van botanische studies, een grondige bestudering van de menselijke anatomie en de wisselwerkingen tussen licht en schaduw. Hoewel het altaarstuk is samengesteld uit overgedetailleerde elementen, zodat eigenlijk sprake is van een hypernaturalistische assemblage, betoonde Leonardo zich een briljante leerling van de natuur. Dankzij de lessen van de ’meesteres van de meesters’, zoals hij haar noemde, slaagde hij erin om zijn voornaamste doel te verwezenlijken: de creatie van relievo, de plastische modellering van vormen op een plat vlak zodat de illusie van driedimensionaliteit wordt gewekt.                                                                                     Aangezien Leonardo de Madonna in de Grot niet op de contractueel afgesproken datum in 1483 af had, leidde dit tot slepende rechtszaken. Pas vijfentwintig jaar later ontving hij zijn loon nadat hij in 1506 een nonchalante finishing touch had aangebracht. Door zijn hele carrière zou hij een spoor van ontijdig afgeleverde en onafgemaakte werken achterlaten. ’Leonardo overtreft iedereen, maar hij is niet in staat om zijn hand van het paneel terug te trekken en dus neemt hij vele jaren om er een te beeindigen’, schreef zijn tijdgenoot, de humanistische dichter Ugolino Verino. Vermoedelijk lag het aan meerdere oorzaken: zoals Leonardo’s perfectionisme, de twijfel die daarmee gepaard ging, zijn uiteenlopende interesses, het feit dat hij zich meer bekommerde om het creatieve onderzoeksproces dan het resultaat en de oorlogen tussen de Italiaanse stadstaten. Hoe frustrerend dit ook was voor zijn opdrachtgevers, het stelt ons wel in staat om goed te zien hoe hij zijn schilderijen opbouwde.

Neem St. Hieronymus in de Woestijn waarop Leonardo nauwelijks verder kwam dan de overdracht van de tekening op het paneel. Toch past de rudimentaire staat van het schilderij wonderwel bij die van de uitgemergelde kluizenaar die aanstalten maakt zich te kastijden. Zijn dramatische gezichtsuitdrukking, die wordt verdubbeld door de opengesperde muil van de leeuw, is een zeldzaam aangrijpende expressie van een innerlijke strijd. Daar wist Leonardo dan ook alles van. Rond dezelfde tijd noteerde hij in de marges van zijn aantekenboeken herhaaldelijk : ’Waarom lijd je zo?’ En: ’Hoe groter men is, hoe groter het vermogen om te lijden. Ik dacht dat ik leerde te leven, maar leerde slechts te sterven.’

Waarom er een tweede versie van de Madonna in de Grot werd geschilderd, is nog steeds voer voor speculaties. Bovendien staat zijn auteurschap ter discussie. Het feit dat de National Galleryversie minder gedetailleerd is- waardoor bijvoorbeeld de bloemen minder identificeerbaar zijn- geldt voor verscheidene kunsthistorici als bewijs dat Leonardo deze in samenwerking met leerlingen heeft geschilderd. De recente schoonmaak- en conservatiebeurt bracht echter aan het licht dat het grotendeels of zelfs helemaal van de hand van de maestro is en bovendien niet kan worden afgedaan als een vereenvoudigde reprise. De geleerden hadden het volkomen mis aangezien zij niet inzagen dat Leonardo in de negentiger jaren een nieuwe richting insloeg, stelt curator Luke Syson in de catalogus. Weliswaar is de Londense versie minder gedetailleerd, maar dankzij de manipulatie van licht en schaduw wel meer een eenheid. Ofschoon nog steeds gebaseerd op zorgvuldige natuurobservatie zijn de ingrediënten gecombineerd tot een gracieuze en zelfs bovennatuurlijke harmonie. Bovendien, aldus Syson, schreef Leonardo in dezelfde periode dat de kunst niet slechts een spiegel van de natuur moet zijn, maar haar door middel van de fantasia ook kunstig dient te vervolmaken. Eerst dan was een schilder immers niet alleen imitator maar ook creator. Wat niet wegneemt dat eigenlijk beide versies poëtische idylles zijn. De natuur heeft bovenal een beschermende functie: zelfs de fallische stalagmieten houden de wacht over het wonder van de onbevlekte ontvangenis.         Hoewel Ludovico de eerste Madonna nooit in voltooide staat zag vormde deze voor hem het verbijsterende bewijs van een ongeëvenaard genie dat hij voortaan graag op zijn heerschappij liet afstralen. Naast het ontwerp van decors en kostuums voor diverse hoofse festiviteiten, zou Leonardo zich ondermeer bezighouden met stadsplanologie, kerkelijke en paleisarchitectuur, drainagesystemen en kanaalaanleg.                                                             In 1489 kreeg hij opdracht voor een portret van Ludovico’s belangrijkste maîtresse Cecilia Gallerani. De Dame met de hermelijn (in werkelijkheid een fret) is een verbluffend modern snapshot: bevroren maar tegelijk vol potentiële beweging. Cecilia oogt kalm en nobel maar is tegelijk even alert als het speelse roofdiertje. Ondanks haar zachtmoedige blik, gaat er van haar, zeker voor een geportretteerde vrouw uit die tijd, een ongekend vermogen tot actie uit. Tot agressie zelfs, haar disproportionele hand heeft iets van een klauw. Ze stond bekend als begaafd muzikante en dichteres maar kwam niet uit een adellijke familie. Vanwege politieke-dynastieke overwegingen was Beatrice d’Este- dochter van de hertog van Ferrara en zuster van Isabella, de markiezin van Mantua- een betere match. Dus trouwde Ludovico met haar. Een tikkeltje ontnuchterend is wel dat Cecilia pas een zwarte achtergrond kreeg tijdens een restauratie in de 19e eeuw. Oorspronkelijk was die blauw-grijs, wat toch een ander, koeler effect geeft. Hoe fenomenaal het ook nog steeds is, toch valt niet helemaal te begrijpen dat curator Syson dit het mooiste schilderij ter wereld noemt. Eigenlijk kun je dit pas zeggen als eerst de overschildering zou zijn weggehaald.

In 1492 schilderde Leonardo La Belle Ferronnière (voorhoofdskoord met juweel): een portret van Lucrezia Crivelli, een andere maîtresse van Ludovico. Ook op haar raak je niet uitgekeken, al is haar houding formeler. Eerder die van de volmaakte hovelinge, die zich met een lichte hoofdknik heeft onderworpen aan het hofdecorum. Lucrezia schikt zich volledig in de conventionele passieve vrouwenrol, ze is verlegen, afwachtend en zelfs berustend. In tegenstelling tot Cecilia staat zij niet klaar om handelend op te treden: haar handen gaan discreet verborgen achter de balustrade die de toeschouwer op afstand houdt. Door het contrast met haar fluwelen Lombardijnse jurk zijn haar gezicht en hals van een uitzonderlijk kwetsbare naaktheid. Met haar ovalen hoofd lijkt ze een pure schoonheid, zowel uiterlijk als innerlijk, zonder een greintje morele ambivalentie. Al zou je je daarin behoorlijk kunnen vergissen, want zonder bekwaamheid in de maskerade redt niemand het aan het hof. En hoe langer je in haar ogen zoekt hoe minder je ziet wat er in haar omgaat.                                                                                                                                  Natuurlijk kan de schilder Leonardo niet worden losgekoppeld van de wetenschappelijke onderzoeker die hij altijd bleef. Kunst was voor hem ook geen ambacht op zich, maar stond altijd in dienst van een bredere zoektocht naar kennis. Dat Leonardo aan elke hokje ontsnapt blijkt met name uit zijn tekeningen, waarvan de National Gallery er zestig toont, vooral uit de collecties van de Britse koningin en het British Museum. Samen met zijn geschriften vormen die de duizelingwekkende getuigenis van een van de meest diepgaande en uitgebreide natuuronderzoeken ooit. De essentiële rol die de naturalistische tekening daarbij speelde is te danken aan zijn Florentijnse training: in Toscane legde men zich daar traditioneel sterker op toe dan bijvoorbeeld op kleur, zoals in Venetië. Hoewel hij als buitenstaander in Milaan bijgestaan werd door lokale compagnons verwachtte men bovendien dat zijn werk blijk gaf van zijn afkomst. Die was een kwaliteitslabel, vandaar dat hij bekend stond als maestro Leonardo Fiorentino in Milano. Het luisterrijke Florence ten tijde van Lorenzo Il Magnifico gold immers als hét politieke en culturele model. Toch was Leonardo’s veelomvattende tekenproduktie,die zowel zijn artistieke als zijn wetenschappelijke doeleinden diende, zonder precedent. Bovendien bestonden zijn voorbereidende studies zowel uit individuele elementen-handen of een vrouwenhoofd- als uit ver uitgewerkte compositionele probeersels. Vooral in dit laatste opzicht was zijn werkwijze volkomen nieuw. Zijn tekeningen vormden de neerslag van zijn empirische observatie, maar ook zijn proefterrein: het laboratorium waar hij ideëen testte. Tekenen was voor Leonardo bovenal een intellectuele bezigheid. Tekenen betekende denken, inzicht verwerven in de aard der dingen. Al tekenend ontdekte hij dat er in de natuur geen lijnen bestaan, dat alle verschijningen in de verte steeds vager worden en fletser van kleur, tot ze oplossen in mist. Vandaar dat hij het mathematisch afgeleide perspectief verving door het atmosferische perspectief: zijn nevelige sfumato.                                                                     Aan het slot van de tentoonstelling hangen voorstudies voor het Laatste Avondmaal, het fresco in de eetzaal van het klooster van Santa Maria Delle Grazie, waar Ludovico twee keer per week dineerde. Leonardo wist het in 1498 te voltooien. Dat lukte echter niet met het ruiterbeeld ter ere van Ludovico’s vader Francesco Sforza, dat het grootste bronzen beeld ter wereld moest worden. Het reusachtige kleimodel op het binnenhof van het Sforzapaleis werd in 1499 na de Franse inval in Milaan door boogschutters gebruikt als oefenschietschijf. Ludovico verloor al zijn bezittingen en stierf tenslotte in Franse gevangenschap. Leonardo keerde voorlopig terug naar Florence. Aan de Mona Lisa begon hij pas in 1503. Bovendien leent het Louvre haar natuurlijk nooit uit. In de catalogus stelt Syson dat zij een humaniteit bezit die bijvoorbeeld ontbreekt in het portret van Ginevra de Benci, dat Leonardo al in 1475 schilderde voordat hij naar Milaan kwam. Dit is slechts gedeeltelijk waar. Want als de Mona Lisa alleen maar mooi en humaan was dan zou zij nooit het beroemdste schilderij ter wereld zijn. Zij is veel meer, ze is eerder subliem: een ambivalente moedergodin die ook de angstaanjagend onmenselijke kant van de natuur verpersoonlijkt. Wat er ook gebeurt, welke vernietiging zij ook teweegbrengt, welke rampspoed zich ook afspeelt: zij broedt onbewogen verder. Als geen ander penetreerde Leonardo haar geheimen. En juist daardoor ontdekte hij dat zij ondoorgrondelijk en dus almachtig gehuld blijft in sfumato. Haar dubbelzinnige glimlachje is ook het glimlachje om het ijdele streven van haar kinderen. Het lachje van de ingewijde om de onwetenden.

Rogier Ormeling (Dit artikel is gepubliceerd in het oktober/november nr. van Tableau Fine Arts Magazine en verkrijgbaar in de boekhandel)

Leonardo da Vinci: Painter at the Court of Milan National Gallery Londen 9 november 2011-5 februari 2012 Reserveringen sterk aanbevolen

Advertisements
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s