Csaba Kis Róka: Demonisch Testosteron /Demonic Testosterone

015-One-way-oil-on-canvas-140x100-cm-2012 you can find the English translation below the Dutch text

Freud stelde dat ieder kind ambivalente gevoelens heeft tegenover zijn ouders, zowel liefde als haat. Als dit al het geval is in een gezinssituatie dan laait dit ambivalentieconflict nog verder op zodra mensen in grotere gemeenschappen leven, zo voegde hij eraan toe. Hoe groter de gemeenschap hoe groter het ambivalentieconflict oftewel de eeuwige twist tussen Eros en destructie, tussen integratie en fragmentatie. Logisch dus dat zowel de mondiale als de Europese integratie hevige weerstanden oproepen. Niet in het minst vanwege de grenzenloze hypermobiliteit van kapitaalstromen die steeds op zoek zijn naar de goedkoopste arbeid en de laagste belasting en een spoor van massawerkeloosheid, angst en onzekerheid nalaten. Globalisering is dus tevens een ander woord voor je machteloos voelen te midden van mondiaal tumult. Bovendien hebben mensen nu eenmaal de behoefte om hun identiteit te beleven in kleine verbanden. Het is dan ook niet vreemd dat burgers geborgenheid zoeken achter nationale grenzen en dat overal in Europa anti-Europese partijen de kop opsteken.

419Csaba_Kis_Roka_The_Familiarity_Breeds_Contempt_2011_110x90cm_Private_collection_Switzerland-300x363

Familiarity Breeds Contempt*(2011, 110 x 90). Zo luidt een eeuwenoud gezegde en de titel van dit schilderij van de Hongaarse schilder Csaba Kis Róka (1981). Een vent met een hondenlijf en een stel naakte kerels, waaronder drie dwergen met reuzenerecties, op een kluitje rond een grote brok rauw vlees. Hun ‘broederschapssymfonie’ bereikt hier een orgiastische apotheose in de vorm van ‘synchroonejaculaties.’ Het blijven echter roofdieren die uiteindelijk slechts voor hun eigenbelang en zelfbehoud gaan, de onderhuidse spanning en het broeiende onderlinge wantrouwen kunnen bovendien elk moment tot uitbarsting komen. Weerzinwekkend en hilarisch tegelijk. Fantastisch, sprookjesachtig en toch zo waar. Geweldig geschilderd. Die barokke Rubensiaanse opeenhoping van zweterig glimmend vlees, het gloeiendrode zweem, de onheilspellende onweerslucht.

15178_517100188336050_1380718436_n The Devil is Free(2012)

In Griekenland gebruikt de Gouden Dageraad-partij nazisymbolen en -slogans en schrikken leden niet terug voor geweld. Ook in Hongarije dat in 2004 toetrad tot de Europese Unie nemen neonationalistische sentimenten bedenkelijke vormen aan. Sinds premier Orbán en zijn centrumrechtse Fidesz-partij na de verkiezingen in 2010 over een 2/3 meerderheid beschikken in het parlement trachten zij– in samenwerking met de antisemitische en racistische partij Jobbik  die ook nog eens 47 zetels telt– in hoog tempo de aloude droom van een nationale eenheid zonder tegenspraken te realiseren. Niet alleen voerde Orbán grondwetswijzigingen door die de onafhankelijkheid van de rechtspraak en de journalistiek en de rechten van minderheden zoals de Roma-zigeuners ernstig ondermijnen, bovendien werden directeuren van culturele instellingen door partijgenoten vervangen. Deze ontwikkelingen zijn zo flagrant in strijd met de rechtstatelijke beginselen en het EU-recht dat de Europese Commissie van plan is deze grondwetswijzigingen juridisch aan te vechten. Sinds 2004 hebben zo’n half miljoen- veelal hoog gekwalificeerde- jonge Hongaren het land verlaten om elders een toekomst te zoeken. Dit alles hangt nog steeds samen met het nationale trauma dat het land door de nederlaag van Oostenrijk-Hongarije in de Eerste Wereldoorlog opliep. Weliswaar werd Hongarije toen een onafhankelijk staat maar het raakte tweederde van zijn grondgebied en een groot deel van zijn Hongaars sprekende bevolking kwijt. Sindsdien heeft de natie last van fantoompijn.

311385_1

Een Hongaarse boer met draculatanden zweeft over de poesta: jagend op vers bloed. Homecoming (2011, 55 x 69), zo luidt de bijtende titel van dit schilderij. Een briljante satire op de bloed-en-bodem-nationalistische geest die momenteel over Hongarije waart. Vooral ook op de Groot-Hongaarse droom om alle geamputeerde gebieden met Hongaarssprekenden weer in te lijven. Dus ook Transsylvanië, thuisland van graaf Dracula, dat ooit deel uitmaakte van Hongarije maar sinds 1920 in Roemenië ligt. Niet dat deze uitleg noodzakelijk is om dit schilderij in hoge mate te waarderen. Het schilderij ontstijgt namelijk ook de specifieke Hongaarse geschiedenis, vampiers zijn immers personificaties van de bloeddorst van de natuur.

2142

Sons of the barren’s folk and anal renascence by the republic’s dog, (2011,  200×180 cm). Ofwel: Zonen van het onvruchtbare volk en de anale wedergeboorte uit de republikeinse hond.                                                                                                                                                       Aan de rand van een buitenwijk, vlakbij een basketbalpleintje, speelt zich een onalledaags tafereel af. Een tweekoppige hond- die volgens de titel van dit schilderij de Hongaarse republiek symboliseert- baart een bastaard met een mensenhoofd. In de open lucht en op klaarlichte dag, toch is er niemand die deze pervertering van de democratie probeert te verhinderen. Integendeel, een scout is gaarne bereid een handje te helpen. Anderen bouwen een feestje: bij wijze van diabolische parodie op de Aanbidding der Koningen viert een groepje naakte mannen, waaronder twee met sjamanistische diermaskers en een griezel met doodshoofd, al dansend de komst van het satansgebroed. Zoals men in Afrika, en niet ten onrechte, gelooft: de gevaarlijkste tovenaar hult zich in mensengedaante

146998_1             521955_517099975002738_721737794_n             Gone with the wind(2007)                                    Copper Canon(2013)

Voortdurend laat Kis Róka zien waartoe de ondermijning van de rechtstaat en de afwezigheid van dialoog en diplomatie uiteindelijk leiden. Alleen de wet van de natuur geldt nog: een helse orgie van lust en geweld slaat ons in het gezicht. Aan zelfbeheersing hebben Kis Róka’s personages geen boodschap, hun agressie is volledig ontketend. Alles is geoorloofd: tegenstanders worden genadeloos vernederd, verminkt, gevild, in mootjes gehakt en zelfs opgegeten. Mede doordat Kis Róka grossiert in groteske stijlfiguren zoals karikaturale overdrijvingen, vervormingen en hybridische wezens, spat de barbarij er zo plastisch vanaf dat er sprake lijkt van een absurdistische parodie. Juist de overdrijving echter doet recht aan de waanzinnige werkelijkheid, waardoor de lach zelden volledig doorbreekt en ons van de schurende pijn bevrijdt. Onlangs nog verscheen op internet een mutilatie-video waarin een commandant van de Syrische opstandelingen de borst van een militair opensneed, hart en longen eruit haalde, omhoog hield en in de camera schreeuwde: ‘we zullen jullie harten en levers eten!’, waarna hij tenslotte een stuk orgaan naar zijn mond bracht. De duistere grondtoon in Kis Róka’s oeuvre is dan ook onmiskenbaar geworteld in de actualiteit en de bloedige estafette van de geschiedenis en niet in het minst die van Hongarije en Oost-Europa. Zijn besnorde en bebaarde woestelingen verwijzen naar de magyaarse veroveraars die ooit Midden-Europa deden sidderen van angst, Lenin, de Hongaarse dictator Horthy die zich in 1940 aansloot bij Hitler en Mussolini, de zomer van 1944 toen 450.000 Hongaarse joden werden gedeporteerd en vergast in Auschwitz, de periode 1945-1989 toen Oost-Europa onderworpen was aan de Sowjet-Unie en zo voort.

view_000752

In Phallic triumph of the most ancient unwritten laws(2011, 180x160cm), trekt, tegen  de achtergrond van de ruïnes van een moderne stad en een bloeddoordrenkte bodem,  een bizarre processie voorbij: bebaarde, zowel naakte als geüniformeerde, met enorme fallussen bewapende mannen, in gezelschap van een steigerende maar zwaar verminkte eenhoorn. Als een kronkelende octopus stuift de groep af op een blonde adonis met een   onschuldig padvindersdasje die niettemin een mix is van thanatos en de man met de  zeis. Fuck death.                                                                                                                                        Een hoogst originele verbeelding van het feit dat geschiedenis en mythologie samen optrekken en  eerstgenoemde vaak wordt vervormd tot mythe, met alle gevolgen van dien. Vandaar dat de schilder zowel de geschiedenis als het recht van de sterkste hier zo grondig van elke heroische en mythische luister heeft ontdaan dat dit ons elke nostalgische veroveringslust zou moeten doen benemen. Terugkerend kenmerk van Kis Róka’s woestelingen is hun flinke erectie: seks is synoniem met geweld en macht terwijl   mutilaties en moord ook hun seksuele lust prikkelen. Het is dus evident dat Kis Róka de verantwoordelijkheid voor al die boosaardige agressie bij het mannelijk geslachtshormoon en de patriarchale cultuur legt. De keren dat vrouwen in zijn schilderijen figureren zijn zeldzaam en dan vrijwel uitsluitend als slachtoffer. Zijn mensbeeld is vooral een ziektebeeld van mannen die aan testosteron lijden. Eigenlijk zijn Kis Róka’s masculiene actiehelden helemaal niet daadkrachtig maar slechts passieve marionetten van de wrede natuur: vormeloze blubber zonder enige morele substantie.

post_126189_20130420213025 Boring Nature 2011(40 x 30 cm)

Geen spotprent, maar een spotschilderij. Maar wat wordt hier bespot? Wat roept hier zowel afschuw als medelijden op? Een hond of een mannelijke mens wiens viriliteit slechts een teken is van hondse gehoorzaamheid aan natuurlijke impulsen? Wiens enige, zowel dwangmatige als wankele, fundament zijn pik is? De grote 19e eeuwse satiricus Honoré Daumier zou het gemaakt willen hebben. En ja, neem nou de resultaten van twee recente wetenschappelijke onderzoeken. Een internationale groep wetenschappers van de Universiteiten van Utrecht, Leiden en Cambridge, constateerde dat de toediening van testosteron aan vrouwen afbreuk deed aan hun vermogen om gevoelens af te lezen aan gezichten. Maw: testosteron verlaagt het inlevingsvermogen.
Naar aanleiding van een ander onderzoek kwam het Trimbos-instituut tot de conclusie dat maar liefst 13.3 % van de Nederlandse jongemannen tussen de 18 en 24 jaar een  antisociale persoonlijkheidsstoornis heeft en dus behoorlijk gevaarlijk is.

2135

Regelmatig stelt Kis Róka de identiteitskwestie aan de orde en strooit hij met de karakteristieke tekens van de Hongaarse identiteit: de inheemse koeien met hun grote hoorns, de traditionele klederdracht en de hoed van de csiko’s (Hongaarse paarden-menners) en natuurlijk de typische hangsnorren waarmee magyaarse huzaren ooit de Turkse baarddragers bevochten. In Proud-Pressure-Rascals(2011, 140 x 160) zijn genoemde identiteitstekens bijeengebracht, al worden ze eveneens met gruwelen geassocieerd en draagt een van de schurken, en niet toevallig de meest bloeddorstige, een Sovjet-officierspet.

2132 For better, for worse(2011, 130 x160 cm)

Hier heeft een magyaar zich zelfs van top tot teen in Sovjet-uniform gestoken. Ook al  wisselen de acteurs op het geschiedenistoneel van gedaante en kostuum, de voorstelling blijft onverminderd wreed. Onder het toeziend oog van de magyaarse kameraad zijn de beide figuren op de voorgrond bezig elkaar af te slachten. De hermafrodiet links is al een been en zijn penis kwijt maar nog wel in het bezit van pronte siliconenborsten. Uit hun hoofden en monden steken schoffels en een schep. Wie meent dat deze agriculturele horror nogal gechargeerd is, vergeet dat de werkelijkheid veel absurder was en is. Zowel Lenin als Stalin hadden voor miljoenen boeren een gruwelijk lot in petto. En niet alleen voor de boeren, trouwens.

post_126189_20130420211713 It’s No Game (2012, 130 x 90cm)

De huidige Russische president Poetin schrapte geschiedenisboeken die het Sovjet-verleden kritisch belichten uit het leerplan van openbare scholen, liet de politie kantoren van mensenrechtenvereniging Memorial– die getuigenissen verzamelt over het leven onder Stalin– binnenvallen en herstelde Sovjetsymbolen en onderscheidingen weer in ere. Het sociaal realisme, de propagandastijl van het communisme, met zijn verheerlijking van naakte en gespierde arbeiderstorso’s wordt door Kis Róka daarentegen volkomen opgeblazen en letterlijk uitgekleed. Hamer– en sikkelsymbolen duiken op in de buurt van de ergste gruwelen: undeniably guilty by association.                                                             Hak zijn armen eraf jongens en geef hem protheses waar hij niets mee kan: Sovjethamertjes. Al is zijn penis nog zo groot en erect, die is wel ingegroeid, dus ook daar heeft hij niets aan. Een icoon van onmacht. Zegt hij nog wat? Hoe ‘ontaard’ hij ook is de kans dat deze ‘gekruisigde’ nog ten hemel vaart lijkt vrij gering, eerder zuigt die misselijk makende organische woeker onderaan zijn romp hem de aarde in. Is hij het slachtoffer van communisten of is dit een sadistische wraakoefening van de kapitalistische aartsvijand?

12

De ene hiërarchie maakt weer plaats voor een andere. Na de val van De Muur en het Ijzeren Gordijn in 1989 werd Lenin natuurlijk van zijn voetstuk gegooid, al wordt dat hier verbeeld op een wijze die mag worden opgevat als een knipoog naar The Texas Chainsaw Massacre. Sprookjes, mythen, stripverhalen, gothic novels en splattermovies kenmerken zich door groteske stijlmiddelen, niet vreemd dus dat Kis Róka al of niet bewust motieven uit die genres door zijn werk mengt. Touch (2010, 170 x 140), zo luidt de eufemistische titel. De hond ziet in het bloedbad geen reden om alarm te slaan, alsof hij het inmiddels wel gewend is dat mensen elkaar te lijf gaan met kettingzagen. Hij draait alleen wat verstoord met zijn oren vanwege de herrie.                                                                                                                  

2134

In Emission (2010, 140 x 170 cm) improviseert Kis Róka op Goya’s macabere oorlogs-verschrikkingen om die tot een nieuwe bizarre climax te voeren. Het kan immers vaak nog erger. Ratten nemen een kijkje in de monden van drie afgehakte-gekloonde?- mensenhoofden. Een naakte soldaat die anaal wordt geneukt houdt een uit het hemelblauw aanzwevende engel onder schot. Ook geen lieverdjes die Amerikanen: altijd maar schieten op alles wat beweegt, zelfs op een engel. Hoewel: eerder een samenstelling van een putto en een reuzenscrotum, een hybride van het verhevene en het banale.

157350_galeria_kis_roka_csaba3 Tit for Tat(2008)

Zoals we gezien hebben spelen dieren een belangrijke rol in Kis Róka’s werk, vooral honden verschijnen nogal eens ten tonele. Zou het iets te maken hebben met het feit dat het woord cynisme is afgeleid van het Griekse κυνικός (kunikos), voor honds? Ook deze hond verbeeld de menselijke wreedheid: niet alleen draagt hij de huzarenhoed die waarschijnlijk toebehoorde aan de onthoofde man wiens tong is afgesneden, bovendien  steekt hij zijn tong naar het slachtoffer uit. Cynisme triomfeert hier over humanisme. Overigens is het tong-motief zelfs verdriedubbeld. Al is niet duidelijk of het hert nou in de nek van de hond bijt of diens wond likt: vijandige en liefkozende gebaren zijn niet altijd even makkelijk van elkaar te onderscheiden. Wie Kis Róka’s oeuvre als cynisch afdoet, vergist zich echter. De echte cynici zijn idealisten die een paradijs op aarde trachten te vestigen door iedereen die daar volgens hen niet thuishoort op de afvalhoop te gooien. Natuurlijk heeft zijn werk een sterk anti-esthetisch en anti-idealiserend karakter,  maar daarmee herinnert hij slechts aan de nachtzijde van de natuur die zich niets gelegen laat liggen aan culturele concepten als menselijke waardigheid en fysieke integriteit. Voor Moeder Natuur is het menselijk lichaam slechts materiaal dat zij naar believen schendt, teistert, foltert, vervormt, verminkt, scheurt, ontbindt en tot mest reduceert. Wat de cultuur- waaronder de  esthetica- ook tegen haar onderneemt, zij laat steeds weer haar oppermacht gelden.

Kis-Roka-Csaba_a Even the rabbits are unable to flee (2010)

Die nerveuze alertheid van die konijnen. Die rechter lijkt nog het meest te beseffen dat er iets gaande is: aan de grond genageld staart hij gehypnotiseerd naar die schedels. Toch zien ze niet dat achter hun rug geen konijn maar een mens wordt gekeeld. Hoe pijnlijk is het contrast tussen de onschuld en het kwaad: het laatste beeld op zijn netvlies, dat de ontwikkeling van zijn hele leven samenvat. Alweer zo’n sterke compositie: heen en weer kaatsende blikken in een rondedans van leven en dood. Niet alleen stelt Kis Róka telkens weer de gewelddadige driften, die onophoudelijk cultuur en beschaving bedreigen, aan de orde, hij is ook een magnifiek stilist die verschillende stijlen beheerst. Zo schrijnend als hij de verf laat fosforesceren! Een waardig erfgenaam van de virtuoze ‘ruwe’ schilderstijl van de late Titiaan.

Velazquez_Diego_A_Dwarf_Holding_a_Tome_in_His_Lap_aka_Don_Diego_de_Acedo_el_Primo_ca_1645    eismeer

Even terug met de tijdmachine om te laten zien dat Kis Roka naast christelijke martelaarsschilderijen, Rubens, Titiaan, Goya, etc nog andere inspiratiebronnen heeft. Links het portret dat Velazquez maakte van de Spaanse hofdwerg El Primo, rechts Caspar David Friedrichs befaamde Das Eismeer, een schilderij van een in poolijs gestrand en bijna geheel verzonken schip.

015-One-way-oil-on-canvas-140x100-cm-2012

En nu kijken we nogmaals naar One Way(2012, 140 x 100). De wijze waarop Kis Róka zich schatplichtig betoont aan de genoemde meesterwerken uit de kunstgeschiedenis, hoe hij  in een landschap dat aan Friedrich doet denken een Velazquez-achtige figuur plaatst die tot een Bacon met een vleugje Soutine kneed zonder dat het gekunsteld aandoet en daar ook nog eens een volstrekt eigen inhoudelijke draai aangeeft, is verbluffend.                                   De man die ons vanonder zijn csikohoed aanstaart is geen dwerg maar zijn ledematen kwijtgeraakt in de slagerij van de strijd. Trots, als een ultiem teken van initiatie, toont hij zijn gedeformeerde vlees. Het stompje van zijn been heeft het gezicht van een aardmannetje: is hij zonder benen immers niet dichter bij aarde? Maar hoewel er nog weinig meer dan een romp van hem over lijkt is hij onverminderd strijdbaar en offerbereid. Het zou een allegorie van het geamputeerde Hongarije kunnen zijn. Of een verbeelding van de menselijke toestand, uiteindelijk staan of liggen we allemaal op het hakblok van de natuur, in het oogstveld van de man met de zeis. Maar het lijkt vooral een deconstructie van die radicale onverzettelijkheid die van geen capitulatie wil weten, ook al is de nederlaag onafwendbaar. Die als heroïsch beschouwde waanzin die slechts tot totale woestenij leidt. We vechten door tot het bittere eind, of zoals Hitler stelde: ‘tot vijf over twaalf.’  Tot de laatste man, hetgeen door Kis Róka nog tot een satirische uiterste consequentie wordt opgerekt: tot voorbij de laatste ledemaat… En dan dat decor: de aardetinten, het desolate gescheurde landschap, die Turner-lucht met dat jagende kleurenspel van aquamarijn, oker, goud, roze, licht- en azuurblauw…                                                                                     Een fabelachtig, romantisch, symbolistisch, surreëel, maar o zo realistisch kunstenaar, indrukwekkend in alle opzichten : inhoudelijk, conceptueel, stilistisch, you name it. Ook al is zijn diepere boodschap bepaald niet geruststellend: de demonische kant van de natuur maakt zich altijd weer kenbaar. Het kwaad blijft een verleidelijke en fascinerende mogelijkheid van de menselijke vrijheid.

He call’d on Nature’s self to share the shame,
And charged all faults upon the fleshly form

uit Lara door Lord Byron

Schilderijen van Csaba Kis Róka waren recentelijk nog enkele dagen te bezichtigen in Museum Oud Amelisweerd, dat tegenwoordig de Armando collectie-uit het afgebrande Armando Museum in Amersfoort herbergt. Momenteel presenteert het CACT(Centrum voor Hedendaagse Kunst in het kanton Ticino)  in het Zwitserse Bellinzona tot 9 juni de tentoonstelling Csaba Kis Ròka: Symbolisme, Mythology and Grotesque.

*Familarity Breeds Contempt Private collection Switzerland
Photo: Pier Giorgio de Pinto Pro Litteris Zurich.

DEMONIC TESTOSTERONE

Freud postulated that every child has ambivalent feelings about his parents: feelings of both love and hate. If this is the case within the confines of a family group, he continued, how much more would this ambivalence conflict flare up among people living in larger communities? The larger the community, the greater this ambivalence conflict: the eternal struggle between Eros and our destructive urges, between integration and fragmentation. Bearing this in mind, it should come as little surprise that global and even European integration are giving rise to serious resistance. Thanks in no small part to the unfettered hyper-mobility of capital flows constantly in search of the cheapest labour and the lowest taxes, leaving a trail of mass unemployment, fear and uncertainty in their wake. Globalisation is also another word for feeling powerless in the midst of global tumult. In addition to this, people simply have a need to experience their identity within a smaller network of relationships. Little wonder, then, that citizens seek refuge and security behind national boundaries, and that anti-European parties are springing up throughout Europe.

419Csaba_Kis_Roka_The_Familiarity_Breeds_Contempt_2011_110x90cm_Private_collection_Switzerland-300x363

Familiarity Breeds Contempt* (2011, 110 x 90). Not only a centuries-old saying, but also the title of this painting by Hungarian painter Csaba Kis Róka (1981). A man with the body of a dog and a bunch of naked guys, including three dwarfs with huge erections, are piled up around a big lump of raw meat. Their ‘brotherly symphony’ reaches an orgiastic apotheosis in the form of ‘synchronous ejaculations.’ However, they remain predatory animals that at the end of the day will act purely in self-interest, and in self-preservation; the tension lurking beneath the surface, as well as their brooding mutual distrust, can erupt at any moment. A painting repulsive and yet hilarious at the same time. Fantastic, with the quality of a fairy tale, and yet oh so true. Brilliantly painted. The baroque, Rubens-like stack of sweaty, gleaming meat; the translucent red sheen; the sky pregnant with foreboding.

15178_517100188336050_1380718436_n

In Greece, the Golden Dawn party is adopting Nazi symbols and slogans, and its members are not afraid to use violence. In Hungary, which joined the European Union in 2004, neo-nationalist sentiments are also taking on disturbing forms. Since Hungary’s prime minister Orbán and his centre-right Fidesz party won a two-thirds parliamentary majority in the elections of 2010, they have attempted – in collaboration with the anti-Semitic, racist Jobbik party (which also holds 47 seats) – to swiftly realise this old dream of national unity, free from contradictions. Not only has Orbán amended the constitution to seriously undermine the independence of the judiciary and the press, as well as the rights of minorities such as the Roma, but directors of cultural bodies have been replaced by members of the ruling party. These measures are so flagrantly contrary to civic principles enshrined in EU law that the European Commission is planning a legal challenge to these amendments. Since 2004, some half a million (often highly qualified) young Hungarians have left the country to seek a future elsewhere. All of this is still related to the national trauma that ensued from the defeat of the Austro-Hungarian Empire at the end of World War I. True, this resulted in Hungary becoming an independent, sovereign state – but at the same time it lost two thirds of its territory and a large proportion of its Hungarian-speaking population. Since then, the nation has constantly suffered from severe phantom pains.

311385_1

A Hungarian farmer with Dracula teeth hovers over the Pannonian steppes, hunting for fresh blood. Homecoming (2011, 55 x 69) is the piercing title of this painting. A brilliant satire on the nationalistic blood-and-soil sentiments currently sweeping through Hungary. And, above all, on the dream of a Great Hungary, embodying a reunion of all the amputated Hungarian-speaking areas. Including Transylvania, the home of Count Dracula, and once part of Hungary – but since 1920 in Romania. Not that you need to know all this to appreciate this painting that transcends the specifics of Hungarian history; after all, vampires are personifications of the blood-lust of nature.

2142 Sons of the Barren Folk and Anal Rebirth through the Republic’s Dog, (2011,  200×180 cm).

On the edge of a suburb, close to a basketball court, an unusual scene is taking place. A two-headed dog – which according to the title of the painting symbolises the Hungarian republic – is giving birth to a bastard creature with a human head. In the open air, and in broad daylight; but still no one makes any attempt to prevent this perversion of the democratic process. On the contrary, a boy scout is only too happy to lend a helping hand. Others are celebrating: in a diabolical parody of the Adoration of the Magi, a small group of naked men – two wearing shamanistic animal masks, and a horror figure with a skull-like head – dance to welcome this spawn of Satan. As the African saying has it (and not without reason), ‘the most dangerous of magicians hide in human form.’

146998_1  521955_517099975002738_721737794_n

Gone with the wind(2007)                       Copper Canon (2013) 

Kis Róka constantly shows us where undermining the democratic state under the rule of law and the absence of dialogue and diplomacy finally lead: to a situation in which the law of the jungle prevails. We are slapped in the face by a hellish orgy of lust and violence. Self-control means nothing to Kis Róka’s characters; their aggression goes completely unchecked. Everything is permitted: opponents are mercilessly humiliated, disfigured, gutted, hacked to pieces and even eaten. Owing in part to Kis Róka’s frequent use of grotesque imagery – such as caricaturesque exaggerations, distortions and hybrid beings – barbarism drips so graphically from his paintings that they seem an absurdist parody. In fact, it is precisely this exaggeration that does justice to the insanity of reality; the laugh it evokes seldom really breaks through to release us from the grinding pain. A video of a gruesome mutilation recently appeared on the internet, showing a Syrian rebel commander cutting open the chest of a soldier, removing his heart and lungs, holding them up to the camera and shouting: ‘We will eat your hearts and livers!’, then bringing a piece of the organs to his mouth. The sinister base notes of Kis Róka’s oeuvre are therefore unmistakeably rooted in current events and the bloody repetition of history – not least that of Hungary and Eastern Europe. His moustachioed, bearded brutes refer to the Magyar conquerors who once spread terror throughout Central Europe; to Lenin; to the Hungarian dictator Horthy, who joined forces with Hitler and Mussolini in 1940; to the deportation and gassing of 450,000 Hungarian Jews in Auschwitz; to the period between 1945 and 1989, when Eastern Europe was ruled by the Soviet Union; etc., etc., etc.

view_000752

In Phallic Triumph of the Most Ancient Unwritten Laws (2011, 180x160cm), a bizarre procession passes by the ruins of a modern city, over ground drenched in blood: men with beards, both naked and in uniform and armed with huge phalluses, accompanied by a rearing but seriously maimed unicorn. Like a writhing octopus, they bear down on a blonde Adonis wearing an innocent boy scout’s scarf; nevertheless, the boy also seems to be a combination of Thanatos and the Grim Reaper. Fuck death. A highly original illustration of the fact that history and mythology go hand-in-hand, the former often being contorted into the latter, leaving the future to bear the consequences. Which is why in this work the painter so thoroughly strips both history and the law of ‘might is right’ of any heroic or mythical glamour; relieving us of any inclination towards nostalgic sabre-rattling. A recurring feature of Kis Róka’s brutes are their sizeable erections: sex is synonymous with violence and power, while mutilations and murder arouse sexual desire in them. It is clear that Kis Róka places responsibility for all this maleficent aggression on male sex hormones and patriarchal culture. Women seldom figure in his paintings – when they do, it is almost always in the role of victims. His view of humanity is primarily one of sick men who suffer from a surfeit of testosterone. But in actual fact Kis Róka’s masculine action heroes are not at all forceful or effective, but rather passive marionettes controlled by a cruel, indifferent nature: formless blubber, devoid of any moral substance.

post_126189_20130420213025 Boring Nature

Not a satirical cartoon, but a satirical painting. But what is being satirised here? What is it that arouses both our disgust and our sympathy? A dog – or a man – whose virility is simply a sign of dog-like obedience to natural impulses? Whose only – compulsive and unstable – support is his penis? An image the great 19th-century satirist Honoré Daumier would have been proud of.
Take for example the results of three recent scientific studies. An international group of academics from universities in Utrecht, Leiden and Cambridge concluded that giving testosterone to women reduced their ability to read emotions on faces. In other words: testosterone reduces the capacity to feel empathy.
Following on from another study, the Dutch Trimbos Institute came to the conclusion that no less than 13.3 % of young men 18 to 24 aged in the Netherlands have an  anti-social personality disorder, which makes them pretty dangerous. Most shocking of all, however, was the report recently presented by the World Health Organisation, which reveals that worldwide no less than one third of all women have been the victim of physical or sexual violence.

2135

Kis Róka regularly raises the question of identity, scattering characteristic symbols of Hungarian identity through his paintings: the indigenous Hungarian cattle with their large horns, traditional Hungarian dress and the characteristic hat of the Cikó (Hungarian horsemen) – and of course the typical long, drooping moustaches once sported by the Magyar hussars when fighting off the bearded Turks. All of these signifiers of identity are brought together in Proud-Pressure-Rascals (2011, 140 x 160), although here they are associated with horrific acts. One of the rascals shown – not by chance the most bloodthirsty of the bunch – wears a Soviet officer’s cap.

post_126189_20130420211713

The current Russian president, Putin, has removed history books that shed a critical light on the Soviet era from the curriculum of Russia’s state schools, has had the police raid the offices of human rights organisation Memorial– which collects testimony of life under Stalin – and has reinstated Soviet symbols and decorations. Socialist Realism, the style of Communist propaganda, with its glorification of naked, muscular workers’ torsos, is completely exploded by Kis Róka – stripped bare, literally. The hammer and sickle emblem appears in the vicinity of the most abominable horrors: undeniably guilty by association. Chop his arms off boys, and give him prostheses that are completely useless to him: Soviet hammers. His penis may still be big and erect, but it’s ingrown, so also no use to him at all. An icon of powerlessness. Does he still have something to say? However ‘degraded’ he may be, the chances of this ‘crucified’ being ascending to Heaven seem very small – more likely that the nauseating organic growth at the bottom of his trunk will drag him down into the Earth. Is he a victim of the Communists, or is this a sadistic piece of revenge exacted by the capitalist arch enemy?

2132

Here, a Magyar has even dressed himself from head to toe in a Soviet uniform. The actors on the stage of history may change appearance and costume, but the play remains as cruel as ever. The two figures in the foreground are busy butchering one another, under the watchful eye of their Magyar comrade. The hermaphrodite on the left has already lost a leg and his penis, but still boasts a proud pair of silicone-enhanced breasts. Hoes and spades protrude from their heads and mouths. Anyone finding this agricultural horror rather excessive is forgetting that reality was even more absurd. Both Lenin and Stalin had a horrific fate in store for millions of farmers. And not only farmers, for that matter.

12

One hierarchy makes way for the next. Following the fall of the Berlin Wall and the Iron Curtain in 1989, Lenin was naturally toppled from his pedestal – even if here this is depicted in a way that could be seen as a nod to The Texas Chainsaw Massacre. Fairy tales, myths, comic books, gothic novels and splatter movies are all characterised by grotesque stylistic elements, so it is not surprising that Kis Róka, consciously or unconsciously, mixes motifs from all of these genres in his work. Touch (2010, 170 x 140) is the euphemistic title of this work. In spite of the bloodbath going on around him, the dog sees no reason to sound the alarm. It is as if he is used to people hacking away at each other with chainsaws. He simply turns his ears away in irritation at the noise.

2134

In Emission (2010, 140 x 170 cm), Kis Róka improvises around Goya’s macabre horrors of war, pushing them on to a new, bizarre climax. After all, often things can get even worse. Rats peer into the mouths of three severed (cloned?) human heads. While being fucked anally, a naked soldier in an American-style helmet points a gun at an angel that has appeared from the blue sky. The Americans too are no saints, trigger-happy, they shoot at anything that moves, even in the case of an angel. Although: this particular angel looks more like a combination of a putto and a giant scrotum, a hybrid composed of the elevated and the banal.

157350_galeria_kis_roka_csaba3

As we have already seen, animals play a significant role in Kis Róka’s work – dogs in particular turn up rather a lot. Could this have something to do with the fact that the word cynicism is derived from the Greek word κυνικός (kunikos), meaning dog-like? This dog too is a depiction of human cruelty: not only is it wearing the hussar’s hat that probably belonged to the decapitated man (whose tongue has also been cut out), the dog is also sticking its tongue out at the victim. Cynicism triumphs over humanism. In actual fact, there is a triple tongue motif here. Although it is not clear whether the deer is biting into the dog’s neck or licking its wound: it is not always easy to tell hostile and tender gestures apart. To dismiss Kis Róka’s oeuvre as purely cynical would be a mistake, however. The real cynics are the idealists who seek to set up an Earthly paradise and throw everyone they don’t want to include in it onto the garbage heap. Of course, his work is characterised by a strong anti-aesthetic and anti-idealising stance, but the point of this is to remind us of the dark side of nature that takes no notice whatsoever of cultural concepts such as human dignity and physical integrity. For Mother Nature, the human body is simply material it can violate, ravage, torment, disfigure, maim, tear, decay and reduce to compost. Whatever culture – including aesthetics – throws at her, She always has the last word.

Kis-Roka-Csaba_a

The nervous attentiveness of these rabbits. The one on the right seems most aware that something’s going on: rooted to the spot, he stares, entranced, at the skulls. What they don’t notice is that behind their backs, not a rabbit but a man is having his throat slit. How painful this contrast between innocence and evil: the last image burned onto his retina, and summing up the course of his whole life. Once again, a strong composition: glances shoot to and fro in a circle dance of life and death. Not only does Kis Róka time and again address the violent compulsions that incessantly threaten culture and civilisation, he is also a magnificent stylist, master of several idioms. How harrowingly he gets the paint to phosphoresce! A worthy heir to the virtuoso ‘rough’ painting style of Titian’s late works.

Velazquez_Diego_A_Dwarf_Holding_a_Tome_in_His_Lap_aka_Don_Diego_de_Acedo_el_Primo_ca_1645  eismeer

Let us step for a moment into a time machine to see how, alongside the paintings of Christian martyrs, Rubens, Titian, Goya, etc., Kis Róka also draws on other sources of inspiration. On the left is the portrait Velazquez made of the dwarf El Primo at the Spanish court, and on the right Caspar David Friedrich’s famous Das Eismeer, a painting of a ship caught in the Polar ice and almost completely sunk.

015-One-way-oil-on-canvas-140x100-cm-2012

Now let us look again at One Way (2012, 140 x 100). The way Kis Róka acknowledges his indebtedness to the abovementioned masterpieces from the history of art – how he places a Velazquez-like figure in a landscape reminiscent of Friedrich, mashes this to Bacon with a sprinkling of Soutine, without the result looking artificial, then gives the whole thing a concrete meaning all his own – is stunning. The man looking out at us from under the brim of his Cikó hat is not a dwarf, but has lost his limbs in the slaughterhouse of struggle. Proudly, like a sign of ultimate initiation, he shows off his deformed flesh. The stump of his leg has the face of a gnome: after all, isn’t he closer to the Earth and such Earthly creatures without his legs? In spite of the fact that he has little more than a torso left, he remains combative and ready to make sacrifices. This could be an allegory of the ‘amputated’ state of Hungary. Or a depiction of the human condition – sooner or later, we all end up on Mother Nature’s chopping block; being harvested by the hooded man with the scythe. Above all, however, it seems to be a deconstruction of that radical intransigence that refuses to even consider the idea of capitulation, even in the face of total defeat. That species of madness that is seen as heroic but that inevitably leads to complete destruction. ‘We will fight to the bitter end’, or as Hitler put it, “until five past twelve”, ‘to the last man’ – which Kis Róka takes to the satirical extreme: to the last limb, and beyond… Then there is the backdrop: the earth tints, the desolate, torn landscape, that rushing Turner-like sky with the interplay of aquamarine, ochre, gold, pink, light blue and azure… Kis Róka is a fantastic, romantic, symbolist, surreal, but oh so realistic artist, impressive in every way: content, concept, style, you name it. Even if his underlying message is not exactly reassuring: the demonic side of nature always rears its head. Evil remains a seductive, fascinating possibility offered by human freedom.

Rogier Ormeling (translation by Mark Baker from Wordsmiths: http://www.wordsmiths.ws)

Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s