De man van ZERO: Heinz Mack

Vanaf de late jaren vijftig inspireerde Heinz Mack als schilder en beeldhouwer maar vooral als lichtkunstaar vele andere kunstenaars. Niet in het minst als mede-oprichter van de Zero-beweging(1957-66). Sinds 2011 het jaar waarin hij zijn 80ste verjaardag vierde, wordt zijn werk ononderbroken wereldwijd geëxposeerd. Voor het novembernummer van Tableau Magazine sprak ik hem in zijn woning in Mönchengladbach.

The-Sky-Over-Nine-Columns_Foto-PJvM-e1403875253119 venice-sunrise-01-luglio-2014-62212014-1-1024-blog-low

DE MAN VAN ZERO: HEINZ MACK

In het kader van de Venetiaanse Architectuur Biënnale onthulde Heinz Mack (1931), afgelopen juni op het eiland van St Giorgio, zijn Sky Over Nine Columns. Een installatie van negen, in Dubai vervaardigde, meer dan zeven meter hoge, met gouden mozaiek beklede pilaren. Niet alleen een subliem eerbetoon aan de eeuwenoude culturele relaties tussen Venetië en de Oriënt, maar bovenal aan de oerbron van het licht, want in feite is het een zonnetempel met als dak de hemel. De zuilen vangen, breken, weerkaatsen en verstrooien het mediterrane licht, geven het een materiële vorm welke evengoed zodanig zindert dat die onstoffelijk lijkt te worden en daarmee een metafysische dimensie verwerft.

tn_538_392_Otto-Pienes-Sky-Event-am-Berliner-Nachthimmel-alle-Fotos-dpa-.8303753bef09d016ccc3fa7041f2ce23

In juli opende Otto Piene , met wie Mack de avantgardistische Duitse kunstenaarsgroep ZERO(1957-66) stichtte, de expositie Piene-More Sky in de Berlijnse Neuen Nationalgalerie.De volgende dag later trof hij op het museumdak voorbereidingen voor een van zijn befaamde Sky Art-Events: het opstijgen van drie heliumgevulde luchtsculpturen in de vorm van drie kolossale witte sterren. Een paar uur later stierf hij op 86-jarige leeftijd in een taxi, volgens ingewijden was hij die dag zeer gelukkig en tevreden geweest. Helaas kon Piene de opening van ZERO: Countdown to Tomorrow, momenteel in Guggenheim New York, dus niet meer meemaken. Behalve aan het Zero-tweetal, waarbij zich later Günther Uecker aansloot, is de expositie ook gewijd aan het verwante internationale netwerk van meer dan 40 bevriende kunstenaars- waaronder Lucio Fontana, Yves Klein,Yayoi Kusama, Manzoni, Jean Tinguely, Jan Schoonhoven en herman de vries- die de naoorlogse kunst een revolutionair nieuw aanzien gaven.

NewYork-NewYork1963_160x100x120WVZ587

Vanzelfsprekend ontbreekt in het Guggenheim ook Mack’s uit aluminum en hout vervaardigde werk New York New York niet. Volgend jaar reist de ZERO-expo door naar het Berlijnse Gropius Bau en daarna naar het Stedelijk, precies 50 jaar na de gedenkwaardige NUL-tentoonstelling . Nadat Mack en Piene gezamenlijk de kunstacademie in Düsseldorf hadden doorlopen en ook nog een filosofiestudie hadden afgerond sloeg de vertwijfeling toe. Met Yves Klein’s monochrome ultramarijne werken leek de schilderkunst immers op een eindstation beland.

ZEROVol.3_1961_designHeinzMack  affiche design Mack

Hoe nu verder? Na lange gesprekken in hun aangrenzende ateliers, bracht de lancering van de Spoetnik, die in 1957 het ruimtevaarttijdperk inluidde, hen op het idee van een nieuw begin. Een lancering vanuit een stunde null naar onontgonnen terreinen waar ze tevens de oorlogspuinhopen hoopten te ontstijgen. Pas later bezaten jongere Duitse kunstenaars als Baselitz en Kiefer genoeg afstand om de confrontatie met de geschiedenis aan te gaan met schilderijen van haveloze ‘helden’ en zwartgeblakerde ruines. Maar in de wederopbouw jaren vijftig, was het begrijpelijk dat men de catastrofe en de gruwelen van de nazitijd ook in de kunst probeerde te vergeten. Vandaar dat Mack en Piene gretig aanhaakten bij het optimisme dat indertijd gepaard ging met de ontwikkelingen in ruimtevaart en techniek. Kortom, countdown vanaf ground Zero: het avontuur van de toekomst tegemoet. Mede als reactie op het wilde subjectieve schildersgebaar van Art Informel kwamen Mack en Piene met ‘objectieve’ structuren op de proppen: grafische en geschilderde rasterfrequenties die door het licht tot oscillerend leven werden gewekt.

 20140130101621_zero_2    robinson1-7-11-1

Gaandeweg werden verf en penseel steeds meer ingewisseld voor modern-industriële en aan de aero- en cosmonautische technologie ontleende reflecterende materialen. Zoals plexiglas, roestvrij staal en aluminium, waarmee Mack zijn vroege lichtreliëfs en al of niet kinetische lichtobjekten vervaardigde, die bedoeld waren als instrumenten waarop het licht melodieën kon spelen.

Heinz_Mack_Das_Klavierkonzert_sperone_westwater_14_likeyou                              SW10052_Hommage__Arman0Das Klavierkonzert  1962 polyesterhars op canvas                 Splitterbild 1966

Het vibrerende spel van het licht werd immers het centrale medium van het Zero-werk. Andere elementaire natuurkrachten zoals beweging, wind, water en vuur kregen echter evengoed een prominente rol toebedeeld, waardoor een poëtische symbiose van natuur en techniek ontstond. Met behulp van technici experimenteerden de Zero-kunstenaars er speels op los.

SW_10280_Kleiner_Stelenwald_copy0 Kleiner Stelenwald

In 1959 creërde Mack zijn eerst gemotoriseerde sculptuur. Een jaar later volgde ondermeer ’Klein Pilarenwoud ‘ opgetrokken uit verticale verchroomde messingstangen op een door een elektromotor voortgedreven ronddraaiende stalen sokkel. Zoals de ruimtevaart de buitenaardse ruimte verkende zo verkende ZERO de ruimte buiten de traditionele museum- en galerielocaties. Lang voordat het Happening-woord viel waren de éénavond exposities in Piene’s atelier, waaraan ook vele andere kunstenaars deelnamen, reeds een begrip. Al heel vroeg exposeerde het Zero-trio lichtsculpturen in 24 etalages van het Düsseldorfse warenhuis Kaufhof, samen met ondermeer multiples van Klein en Tinguely.

PAR129934       zero_L4Mack in woestijn

Mack was ook de eerste Europeaan die zich bezig hield met Land Art. In de Sahara plaatste hij sculpturen van hoogglans gepolijst metaal die tegen de achtergrond van oranje zandvlakten en blauwe lucht veel weg hadden van fata morgana’s. Ook op de Noordpool pleegde hij door middel van lichtobjecten utopische (utopie betekent letterlijk buitenplaats) interventies. In feite beslaat de Zero-tijd slechts een zesde van Mack’s zestigjarige carrière. Inmiddels staan er zo’n honderd monumentale Mack-sculpturen– veelal afhankelijk van de zonnestand vibrerende lichtmonumenten–op prominente plaatsen in de openbare ruimte van Duitse steden.

20140128120145_stadt_3 20140130131255_malerei_3

Of neem zijn energiek bruisende watersculptuur op het Platz der Deutschen Einheit in Düsseldorf. Sinds de jaren negentig is hij ook weer flink aan het schilderen: vooral prismatische kleursequenties die pulserend lijken los te komen van het doek. Net als het werk van Brancusi, die hij ooit ontmoette, kan dat van Mack worden getypeerd als transcendentie via de immateriële schoonheid van licht. Naast bijvoorbeeld Olafur Eliasson, zijn vele hedendaagse kunstenaars die met licht werken schatplichtig aan Mack.

DSC_0123  DSC_0102
Vakwerkhuizen kenmerken zich door hun opvallend zichtbare structuur: een houten, vaak zwartgeverfd skelet dat met stralend witte pleister is opgevuld. Daardoor doen ze zowel romantisch als modern aan. Onwillekeurig roepen die zwartwitte geometrische vlakken werk van Mondraan in herinnering. Dat geldt zeker voor de Huppertzhof in Mönchengladbach, de oude boerenhoeve waar Mack zowel woont als werkt. In een van de drie vakwerkhuizen is tevens het kantoor van zijn medewerksters gevestigd. Die hulp heeft hij ook wel nodig, want sinds 2011, het jaar waarin hij zijn 80ste verjaardag vierde, rijgen de solo- en groepsexpo”s waarop zijn werk wordt getoond zich in rap tempo aaneen. Behalve de reizende Zero-tentoonstelling zijn er in 2015 nog twee grote Mack-solo’s in Museum Frieder Burda in Baden Baden en in Duisburg. Op het terras van zijn woonhuis, omgeven door een uitgestrekte tuin die in feite een openluchtmuseum van zijn sculpturen is roept Mack zijn jeugd in herinnering:

DSC_0060
‘Mijn vader werkte als secretaris van een mede door joden geleide vakbond. Nadat die in 1933 door de nazis was ontbonden raakte hij werkeloos en werd hij nagewezen omdat hij joodse vrienden had. Dat hij geen nazi-symbolen droeg maakte hem extra verdacht. Toen hij in 1939 werd opgeroepen door de Wehrmacht was hij dan ook blij omdat dit hem toch enigszins rehabiliteerde. Vanaf het oorlogsfront schreef hij me regelmatig brieven en stuurde me speciaal voor de soldaten op luciferdoosjesformaat gemaakte boekjes: Plato’s Gastmaal, gedichten van Schiller, enzovoort. In zijn laatste brief drukte hij me op het hart dat ik in het leven vooral mijn eigen weg moest gaan. Uiteindelijk is hij in een krijgsgevangenkamp gestorven, zodat ik hem dus amper heb gekend. Aangezien mijn moeder de kinderen niet kon onderhouden ging ik bij mijn grootmoeder wonen in het dorp Lollar.’
Heinz was echter toevallig bij zijn moeder op bezoek in het ouderlijk huis in Krefeld toen de stad in de nacht van 21/22 juni 1943 gebombardeerd werd. Het was tot dan toe een van de zwaarste bombardementen op Duitse steden, in Krefeld werd immers staal voor de wapenindustrie gefabriceerd. Drie dagen en nachten brandde de stad. Er vielen zo’n 1200 doden en 10.000 gewonden. Ondanks de verschrikking was het voor Mack tevens een onvergetelijke lichtervaring.

DSC_0050      DSC_0052   Mack haalt een boek en Martijn Elolf van de                                                                   Dusseldorfse galerie Breckner en ondergetekende sind gespannt…

‘Terwijl wij in de kelder scholen viel er in de aangrenzende ruimte een brandbom in huis. We waren doodsbang natuurlijk maar hij ontvlamde niet en toen hebben we hem voorzichtig naar buiten gedragen. Vlakbij was een bouwplaats met een zandhoop en daar hebben we hem ingeschoven. Om hun doelwit goed te kunnen zien wierpen de vliegtuigen ook lichtbommen af. Die spatten in honderden kleine uiteen zoals bij een groot vuurwerk. In de volksmond heette dat de kerstboom. En dan priemden daar de lange lichtbundels van de luchtafweer doorheen. Het was een groots spektakel, een reusachtig lichtconcert.

       DSC_0055

Vele jaren later heb ik de houtskooltekening Schwarzer Strahlung (1960) gemaakt en toen ik weer jaren later een foto tegenkwam die ik tijdens die lichtnacht met een kleine harmonica camera had geschoten, bleken tekening en foto vrijwel identiek. Hoewel ik tijdens het tekenen überhaupt niet aan het bombardement heb gedacht. Dat moet dus zo’n diepe indruk hebben gemaakt dat het onbewust tot die tekening heeft geleid.
Tot aan het begin van ZERO was mijn jeugd een grauwe en duistere wereld. Zodra het donker werd moest alles verduisterd worden. We hadden zwarte gordijnen, autolichten waren afgeplakt, afgezien van een Lucio Fontana-vormige spleet. Overal hingen reusachtige plakkaten met duistere figuren en teksten als ‘Wees voorzichtig, de vijand luistert mee’.

resolve

Ook in Lollar, waar ik de hele oorlogstijd verbleef, heerste ’s nachts volkomen duisternis. Grootmoeder’s huis werd verlicht door een gloeilampje van 5 Watt en toen ik dat in 1979 in Eindhoven tijdens een prijsuitreiking voor mijn lichtkunst vertelde werd er natuurlijk gegrinnikt. Vandaar dat Otto Piene en ik het diepe verlangen koesterden om aan deze duistere wereld te ontsnappen. Ik wilde beslist naar het zuiden, naar het licht. We hebben in Noord-Europa een mentaliteit die altijd door de aarde wordt aangetrokken maar ik pleit juist voor het ontstijgen aan de zwaartekracht. Ik was ook al heel vroeg in de ban van Matisse, hoewel ik daarom overal werd uitgelachen: dat is toch slechts decoratie! Tegenwoordig is iedereen ervan overtuigd dat hij een grote kunstenaar is maar toen werd hij in Duitsland niet serieus genomen, net als Miro wiens werk men infantiel vond.

mackspoerrikneipe     Friends_0_16    Mack, Piene, Tinguely, Spoerri, Bury, Klein     Uecker, Piene, Yayoi Kusama en Mack         1959 Antwerpen

De Zero-kunstenaars bevonden zich allemaal in dezelfde situatie: ieder van ons was een einzellgänger want dat is een kunstenaar nu eenmaal van nature. Al is het slechts bij de gratie van de samenleving, alleen dankzij de anderen kun je je individualiteit ervaren. Kenmerkend voor ons was onze nieuwsgierigheid naar wat de anderen maakten: Manzoni, Castellani, Klein, Tinquely. En wanneer je hen ontmoette merkte je dadelijk dat er sprake was van een common spirit, een geheimzinnige verwantschap. Dat hebben we allen zeer gewaardeerd, vooral omdat we als kunstenaars zeer geisoleerd en onbekend waren. We spanden ons er zeer voor in dat Fontana bekend werd en hij weer voor ons. Doordat hij tegen haar had gezegd dat ze Mack moest tentoonstellen kreeg ik in 1959 bij Iris Clert in Parijs mijn eerste expositie. Na afloop bleek er slechts een klein werk te zijn verkocht en toen ik Fontana later in zijn atelier in Milaan bezocht bleek mijn kleine lichtreliëf daar aan de muur te hangen: Fontana had het gekocht! Zo is ook mijn eigen verzameling ontstaan, ik had een Rothko, vijf werken van Klein, drie prachtige hele vroege elementaire Fontana’s. Van Piene, Tinguely Castellani, Arman, Schoonhoven, had ik een werk vaak zelfs meerdere maar die zijn helaas in 1984 toen dit huis in brand vloog bijna allemaal in vlammen opgegaan. Als ik die nu naar Christie’s zou brengen zou dat voor miljoenen worden afgehamerd.

zero-4 installatie Zero-expo Guggenheim

We wilden weer dromen, maar wel in de geest van Seneca, die ooit schreef: alleen wie wakker is kan verslag doen van zijn dromen. Want voor hem waren dromen die zich van de realiteit verwijderen niets waard. Je moet jezelf wel aan een kritisch onderzoek blijven onderwerpen. Ik kan niet meer alles bijhouden wat tegenwoordig in de kunst gebeurt maar ik zie veel documenten van psychologische grenssituaties en mensen die zichzelf tentoonstellen. Kunst die niet meer is dan privémythologie, die uitgaat van het idee dat de hele wereld zich voor jouw privéproblemen interesseert vind ik echter onverdraaglijk arrogant. De kunstenaar is weliswaar einzellgänger maar moet zijn ervaring en denken wel sublimeren en abstraheren. Het subjektieve dient geobjektiveerd te worden, dat behoort tot het wezen van de kunst. Alleen dan kan het door een groot aantal medemensen herkend en begrepen worden. Ik heb het geluk gehad Barnett Newman persoonlijk te leren kennen. In zijn filosofische opvattingen was hij ook religieus, hij zocht naar het verhevene, hij wilde geen oorlog op het doek, ik stel het wat simplistisch maar hij streefde naar de hoogst mogelijke vrede, harmonie en innerlijke rust die een kunstwerk kan tonen. Hij reduceerde de vele mogelijkheden tot een paar elementen om vervolgens te onderzoeken of die nog de kracht hadden om het geheel te vertegenwoordigen, dat geldt ook voor mij. Dat de wereld vol strijd is zien we dagelijks op het nieuws. Een aanzienlijk deel van de hedendaagse kunst gaat daar over, die gaat ook in de kunst door met oorlogvoeren. Ik houd me daar ver van. Vroeger werd ik met kritiek en hoon overladen: ‘Wat Mack maakt dat is toch veel te mooi en volmaakt!’ Weliswaar realiseer ik me terdege dat de wereld vol ellende en strijd is maar ik ben niet bereid om daarvan de verslaggever te zijn. Mijn wereld is een andere die ook mogelijk is…’

R. O  novembernr Tableau Magazine

foto’s Mönchengladbach: Jan Nelissen Bunnik

Advertisements
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s