EU blind voor geopolitiek Nordstream

 Opinie NRC

Waak voor de energiegrillen van het Kremlin

Het is onbegrijpelijk dat Europa op energiegebied blind is voor de geopolitieke realiteit, schrijft Rogier Ormeling. „De gaspijpleiding Nord Stream 2 vergroot de verdeeldheid in Europa.”    15 augustus 2017

   Russische militairen in de Russische exclave Kaliningrad tijdens oefeningen onder de naam Zapad (‘Westen” in 2013 foto Reuters 

Na de Russische annexatie van de Krim en de agressie in Oost-Oekraïne stelde de Europese Unie zich het doel om de afhankelijkheid van Russische energie te verminderen. De ontwikkeling van de gaspijpleiding Nord Stream 2 – tussen Sint-Petersburg en Duitsland via de Oostzee – gaat hier lijnrecht tegen in.

Vanwege de Russische inmenging in de presidentsverkiezingen van 2016 stemde het Amerikaanse Congres met overweldigende meerderheid voor nieuwe sancties tegen Rusland. Trump kan de nieuwe sancties niet verzachten of intrekken zonder toestemming van het Congres. Aangezien de sanctiewet ingaat tegen Trumps ambitie om de relatie met Poetin te verbeteren, komt deze neer op een motie van wantrouwen tegen zijn Ruslandbeleid. Toch ondertekende Trump de sanctiewet, zij het onder protest.

Ook de Duitse minister van Buitenlandse Zaken Sigmar Gabriel, de Oostenrijkse kanselier Christian Kern en voorzitter van de Europese Commissie Juncker lieten voorafgaand aan de stemming in het Congres hun ongenoegen blijken. Aanvankelijk wilde het Congres namelijk ook Europese bedrijven – zoals BASF, Shell en Engie – beboeten als zij blijven samenwerken met Gazprom aan Nord Stream 2. Maar toen Europa dreigde met tegenmaatregelen besloot het Congres op dit punt de wet zodanig te herzien dat hiervan alleen sprake kan zijn na overleg met bondgenoten. Blijkbaar heeft het Europese bedrijfsleven nog genoeg invloed om ervoor te zorgen dat van het beoogde energiebeleid weinig terechtkomt.

Dankzij Nord Stream 2 zal het marktaandeel van Gazprom op de Europese gasmarkt verder stijgen, op de Duitse gasmarkt zelfs tot boven de 50 procent. Met als gevolg dat Europa in hoge mate zal zijn overgeleverd aan de grillen van het Kremlin, dat de energielevering aan andere landen bij uitstek beschouwt als geopolitiek machtsinstrument.

De nieuwe pijpleiding stelt de Russen ook in staat om de gaslevering aan Oekraïne te kunnen afsluiten zonder dat dit gevolgen heeft voor de Duitse gasvoorziening. Moskou kan daarmee de politieke druk op Kiev verhogen. Daarnaast vergroten de versterkte energiebanden tussen EU-landen en de Russische markt ook de kans op Europese verdeeldheid: tussen landen die zich zorgen maken over de Russische macht en landen die goedkope energie en samenwerking met Rusland belangrijker vinden.

Het valt moeilijk te begrijpen dat Europese lidstaten, die plotseling wel willen voldoen aan de NAVO-norm om 2 procent van hun bruto binnenlands product aan defensie te besteden, op zo’n strategisch gebied als het energiebeleid zoveel terrein prijsgeven aan het Kremlin. En dat terwijl Rusland inbreuk blijft maken op de territoriale soevereiniteit van Oekraïne en Georgië, waarvan het stilletjes meer gebied annexeert.

Bovendien trekken de Russen intussen een ongekend grote aanvalsmacht samen voor een oefening onder de naam Zapad (Russisch voor ‘West’) bij de Poolse en Litouwse grens. Een exercitie die volgens Amerikaanse topmilitairen een voorwendsel kan zijn om meer Russische troepen permanent in Wit-Rusland te stationeren en ook dit land verder te onderwerpen. Dan hebben we het nog niet eens over de Russische cyberoorlog tegen westerse democratieën, de verspreiding van desinformatie en steun aan Europese extreemrechtse partijen.

America first kan niet Europa last betekenen”, zo reageerde Juncker op de oorspronkelijke plannen van het Amerikaanse Congres. Gabriel en Kern verweten het Congres slechts uit te zijn op de export van Amerikaanse olie en gas, waarmee zij dus volledig voorbijgaan aan de geopolitieke dimensie van het Nord Stream-project. Europa is immers beter af met energie van een land dat ondanks Trump nog steeds een NAVO-partner is, in plaats van uit een land dat niet alleen structureel maling heeft aan het internationale recht maar ook aan de in de eigen grondwet verankerde vrijheden.

Helaas doen Europese veiligheidsbelangen en mensenrechten evenmin ter zake voor werkgeversorganisatie VNO-NCW, die zich slechts zorgen maakt over de particuliere bedrijfsbelangen van Shell. Blijkbaar heeft men weinig geleerd van de brute behandeling die Shell onderging bij het Siberische Sachalinproject, want het ging gewoon weer in zee met het Kremlin.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Dictatuur van de Basdreun

 

foto Marcel van den Bergh/Volkskrant

Het festivalseizoen draait op volle toeren. Voor binnenstadsbewoners die hun huis niet kunnen of willen verlaten is er geen ontkomen aan. De opdringerige basdreun is alomtegenwoordig. In Nederfestival & partyland heeft immers iedereen recht op z’n feestje. Elke automobilist mag tot diep in de nacht voor mobiele deejay spelen, elke motorrijder mag zo vaak hij wil zijn uitlaat laten knallen. Niet alleen huisschilders en straatwerkers hebben recht op arbeidsvitaminen, de recreant heeft evengoed recht op barbecuemuziek in een park. Menig omwonende draait de volumeknop van de eigen audioinstallatie of tv hoger teneinde dat niet te horen, dit weer tot ergernis van de buren.

Zo plant de geluidsepidemie zich voort. Horror silentium, angst voor de stilte, lijkt inmiddels onze nationale fobie. Ook in de stiltecoupé is men niet veilig voor ringtones en muzieklekkende koptelefoons. Who cares? Schaamteloosheid is de volstrekte ontkenning van de aanwezigheid van de ander, zo schreef Sartre.

Volgens een rapport uit 2011 van de Onderzoeksraad van de Europese Unie sterven jaarlijks 700 Nederlanders door geluidsstress, dus meer dan in het verkeer. Desondanks laat de overheid zich ten aanzien van geluidsoverlast nog steeds weinig gelegen liggen aan de nationale wapenspreuk je maintiendrai. Handhaving is geen prioriteit, integendeel, de overheid blaast haar luidruchtige partijtje mee.

Wie uiteindelijk toch wat nachtrust geniet kan namelijk al in alle vroegte en ook op zondag gewekt worden door gemeentelijke straatveegmachines. In ruil voor een schone straat krijgt de burger akoestische vervuiling in de vorm van oorverdovend geraas. In Utrecht bijvoorbeeld zijn de veegmachines zeven dagen per week actief van half zes ’s morgens tot half elf ’s avonds.
Deze niet aflatende strijd tegen het zwerfvuil lijkt inmiddels een vorm van smetvrees en bovendien even vergeefs als de Amerikaanse War on Drugs. Burgers voelen zich genodigd steeds meer afval op straat te gooien: de veegmachine kan toch elk moment langskomen. En zo is de cirkel rond en heeft de gemeentereiniging een rechtvaardiging voor uitbreiding en nieuw materieel.

Ook Utrecht is hard op weg – zie de evenementennota – evenementenstad bij uitstek te worden. Tour de France en Giro deden de Domstad al aan, de Spaanse Vuelta volgt. Inmiddels hebben we ook een Canal Parade: acht uur lang onafgebroken pompende basdreunen, waarvan de wijde omtrek deelgenoot wordt gemaakt. Reden genoeg voor boemboem-automobilisten om de muziek nog harder te zetten. Waarom ook niet, als de halve binnenstad toch van een continu dwingende basdreun is voorzien? Iedereen zijn eigen sonobubbel.

Gesprekken met opeenvolgende wethouders van GroenLinks en de VVD, waarin ondergetekende samen met andere bewoners de geluidsstapeling aan de orde stelden, leverden geen hoorbaar lawaaibeheersingsbeleid op. De wethouders knikten wat en keerden terug naar hun huis in een stillere buurt waar je een badmintonshuttle of een sproeier kunt horen ruisen, maar de lawaaivervuiling neemt slechts toe.
De openbare ruimte is namelijk verregaand geprivatiseerd en dus beschouwt de
burger die veranderd is in consument deze niet meer als een gedeelde ruimte waarin je rekening houdt met anderen. De publieke ruimte dient nog vooral om gehoord te worden, als zelfbevestigingspodium waar definitief is afgerekend met het calvinisme dat weinig ophad met theatraal spektakel.

Individualisering en het gebrek aan sociale consensus lijken nog slechts gecompenseerd te kunnen worden door de tijdelijke saamhorigheid en sonobubbel van massa-evenementen en festivals. En wat is er leuker om dan groepsgewijs schreeuwend naar huis te lopen met een blikje in de hand en die op willekeurige vensterbanken achter te laten?
Een samenleving die zich kenmerkt door een permanente aanval op de relatieve stilte, waarin steeds vaker een decor van akoestische vervuiling heerst, is op den duur niet leefbaar. Daar wordt steeds minder naar elkaar geluisterd, daar ontaarden debatten steeds sneller in grote woede en dreigementen. Daar heerst nog slechts degene die het hardste schreeuwt en met de simpelste oplossingen komt aanzetten.

Dictaturen kenmerken zich vaak door stilte, individuele expressie in het openbaar wordt niet getolereerd, wie zich daaraan bezondigt loopt grote kans geruisloos te verdwijnen. In onze democratie wordt de voor reflectie noodzakelijke relatieve stilte stelselmatig doodgedreund. Daar heerst steeds vaker de dictatuur van de deejay, de geestdodende bas. Alomtegenwoordigheid en het voortdurend binnendringen van de privésfeer zijn immers totalitaire kenmerken.

Rogier Ormeling  30 juni 2017 in de Volkskrant

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Luister eens naar een Russische Democraat

95311_2 Elena Milashina

’Rusland kan best een bondgenoot zijn op het gebied van handel en investeringen, in de strijd tegen IS. Maar alleen als we precies weten wat de bondgenoot precies wil en in zijn schild voert.’ Zo betoogde hoogleraar geschiedenis internationale betrekkingen Beatrice de Graaf in de NRC d.dato 14 januari.                                                                                        Wellicht is zij niet op de hoogte van de conclusies van Elena Milashina,                           onderzoeksjournaliste van Novaya Gazeta–een van de laatste onafhankelijke Russische kranten– die met gevaar voor eigen leven het werk van haar vermoorde collega’s Anna Politkovskaja en Natalja Estimirova voortzet.  Na intensieve research in de noordelijke Kaukasus concludeerde zij in 2015 dat de Russische geheime dienst de jihadistenstroom naar Syrië en dus de IS-rekrutering faciliteerde. Zo verschafte de FSB de jihadi’s ondermeer paspoorten en regelde hun reis via Turkije. Oleg Kalugin, voormalig KGB-chef die inmiddels in de VS woont vertelde nieuwswebsite The Daily Beast er behoorlijk zeker van te zijn dat Milashina’s conclusie terecht is. De achterliggende FSB-gedachte lag ook voor de hand: liever terroristen die de boel opblazen in Syrië dan in Rusland. Het beleid wierp zijn vruchten af want volgens Human Rights Watch halveerde het aantal terroristische aanslagen in de Kaukasische regio. Bovendien konden Assad en zijn Russische bondgenoot nu de Syrische opstand betitelen als bovenal een terroristische IS-affaire. Een zelfde strategie werd reeds gehanteerd in de jaren negentig door de Russische militaire inlichtingendienst GRo in Tsjetsjenië, waar men extremisten steunde teneinde de gematigde seculiere separatisten te compromitteren.

Rusland als bondgenoot in de strijd tegen het terrorisme was tot op heden vooral een hardnekkige mythe. Sinds 9/11 bleken de Russen amper bereid om inlichtingen met de Amerikanen te delen, ook niet na de Boston-marathon aanslag door de Tsjetsjeense broers Tsarnajev. Tijdens zijn benoemingshoorzitting in de Amerikaanse senaat stelde de nieuwe CIA-directeur Mike Pompeo dat Rusland niet alleen Europa bedreigt maar ook niets doet om IS te verslaan in Irak en Syrië. Toch zal Poetin best bereid zijn tot bombardementen op IS-stellingen wanneer in ruil daarvoor de Krim-annexatie wordt erkend. Voor geopolitiek kwartetten in de geest van de Yalta-conferentie in 1945 toen Europa in invloedssferen werd verdeeld blijken ook Donald Trump en de Graaf wel te voelen. Al stelt de laatste wel de voorwaarde dat we precies weten wat de nieuwe Russische bondgenoot precies in zijn schild voert. Weinig regeringsgebouwen zijn echter zo ontransparant als het Kremlin. De bijnamen die in het verleden werden gebruikt voor de bewoners- de mysterieuze gastheer, de ondoordringbare persoonlijkheid, de sfinx, het enigma– zijn ook van toepassing op de huidige bewoner. En wellicht nog meer, want terwijl in de Sovjet-Unie de communistische partij de macht bezat, is die nu in handen van KGB-ers. Immers zoals Poetin eens opmerkte: oud-KGB-ers bestaan niet. Als geen ander op het wereldtoneel verstaat hij het spel van de gepersonaliseerde macht die zich niet laat binden door de wet, aan niemand verantwoording aflegt, zich in nevelen hult en onvoorspelbaar blijft. Aan Beatrice de Graafs voorwaarde zal dan ook niet worden voldaan, ze zal nooit weten wat de huidige Kremlinbewoner precies in zijn schild voert. Zelfs zijn naaste loyalisten slagen daar niet in en blijken telkens voor verassingen gesteld. Duidelijk is wel dat de 45e president van de VS zeer van Poetins machtsvertoon gecharmeerd is en ook de essentie ervan heeft begrepen. Zo heeft Trump al meerdere malen gezegd dat hij onvoorspelbaar wil zijn.

18bbaae6-2fcf-4b46-b514-54142e4f0a38

Maar laten die Nederlanders die zich zo op hun democratische borst kloppen maar tegelijk menen dat de Oekraine tot de Russische invloedssfeer behoort eens luisteren naar Russische democraten. Dissidenten die voortdurend de lange armen van het Kremlin ondervinden en al jarenlang hun leven op het spel zetten voor waarden die men in het Westen vanzelfsprekend acht. Neem de moedige, jonge en charismatische oppositieleider Ilja Jasjin wiens collega en vriend Boris Nemtsov vlak voor het Kremlin werd doodgeschoten. In een CNN-interview op 16 januari vertelde Jasjin dat zijn email eerder werd gehackt en op internet geplaatst. Hij is er dan ook van overtuigd dat Poetin zich met dezelfde hybride methoden die hij jarenlang tegen de Russische oppositie gebuikte in de Amerikaanse verkiezingen heeft gemengd. Bovendien waarschuwde hij voor een compromis met Poetin, indien dit zou betekenen dat Europa accepteert dat hij weer controle over Oekraine krijgt: ’Als hij niet gestopt wordt in de Oekraine zal dat grote schade aan Europa en haar veiligheidsstructuur toebrengen. Dan volgen de Baltische staten. Poetin is een zeer gevaarlijk persoon en zijn regime is dat ook, daarvoor moet je je ogen niet sluiten.’

Rogier Ormeling (18-01-2017)

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Ridder in Rusland: Jan Fabre in de Hermitage

Tekenaar, operamaker, theaterregisseur, schrijver, performancekunstenaar, choreograaf, scenograaf, schilder, beeldhouwer, installatiemaker en filmproducent. Met zijn grensverleggende activiteiten en gebruik van onconventionele materialen verwierf Jan Fabre(1958) internationale faam. Je kunt je beter afvragen wat hij niet deed. Waar hij niet exposeerde in plaats van wel. Momenteel dus ook in Sint-Petersburg waar de Ridder van de Wanhoop/Krijger van de Schoonheid zoals hij zichzelf noemt gewoonlijk de gemoederen flink weet te beroeren. Voor Tableau Magazine reisde ik naar Rusland.

yyyyyyyy_yyyyy_2_yyyyyyyy_result_1

JAN FABRE: WARRIOR OF BEAUTY

Wie huis en haard verlaat wordt zich in den vreemde weer bewust van het erfgoed dat hij van thuis heeft meegekregen. Toen Jan Fabre werd uitgenodigd om in Sint-Petersburg te exposeren en de Hermitage ter oriëntatie bezocht was dat tevens een thuiskomst. Het imposante museum herbergt namelijk een van de grootste collecties 16e en 17e eeuwse Vlaamse kunst ter wereld. Vooral van Rubens, Frans Snijders, Anthonie van Dijck en Jacob Jordaens. Allen afkomstig uit Antwerpen. Net als Fabre zelf die er nog steeds woont. Zijn ouderlijk huis stond niet ver van het Rubenshuis en zijn vader liet hem daar voor het eerst kennismaken met kunst. Al jaren betoont Fabre zich dan ook een dankbaar erfgenaam. Neem bijvoorbeeld zijn tentoonstellingen in 2006 in het Koninklijke Museum voor Schone Kunsten te Antwerpen en in 2008 in het Louvre waar hij een dialoog aanging met de werken van oude meesters.

img_0158                                                                                                   Zijn eerbied verbeeldde hij ondermeer met de sculptuur die ook in de Hermitage is te zien: een levensgrote selfie die zich een bloedneus stoot tegen een kopie van Rogier van der Weydens portret van een (ridder)toernooirechter. Bovendien sjokte Fabre in stalen harnas door de museumzalen. Ridderlijk buigend en knielend voor de oude meesterwerken en hen zelfs kussend op glas en lijst. Zo blijkt uit de film van de reeds in juni uitgevoerde performance Love is the Power Supreme. Zoveel respect van de Ridder van de Wanhoop/Krijger van de Schoonheid-zoals hij zichzelf en de expositie noemt -voor de collectie konden Hermitage-directeur Mikhail Piotrovsky en curator Dmitry Ozerkov niet onbeloond laten.

img_6741                                                                                Piotrovsky,  Fabre-assistente Barbara de Coninck, Fabre en Ozerkov

‘Die oude Vlaamse meesterwerken zijn zeer intimiderend natuurlijk. Ik heb al vaker gezegd: ik ben een dwerg in een land van reuzen. Maar de directeur en de curator zijn noble minds met guts’, zegt Fabre de dag na de opening in de lobby van zijn hotel in Sint Petersburg. ‘Ik mocht zelfs Van Dijcks en Rubens verhangen. Dat zou in het Louvre nooit niet gemogen zijn. Daar waren ze veel conservatiever: Nous sommes les francais ici. Wij kennen alles van de Vlaamse schilderkunst’. Wat niet waar is. Ze waren hier veel opener dan in Parijs.’

img_6506

Van zijn communistische vader mocht de kleine Jan niet naar de kerk. Maar zijn katholieke moeder vertelde altijd verhalen uit de bijbel. Bovendien is België een zeer katholiek land. Zijn kunstdevotie wortelt dan ook in de christelijke devotie. Met name die van Franciscus van Assissi, wiens Imitatio Christi (Christusnavolging)) niet alleen spiritueel maar ook lichamelijk van aard was. Franciscus zou immers de stigmata, de wonden van Christus, hebben ontvangen. Langs Fabre’s Hermitage-parcours treffen we de tekeningen aan die hij in 1978, 82 en 99 met zijn eigen bloed maakte. Zelfportretten als kunstmartelaar: opgehangen aan een boom met uit rug en borst spuitend bloed of als gestrafte middeleeuwse chirurgijn met zwaard en pijlen doorstoken. Diepere boodschap: zoals het bloedoffer van Christus verzoening voor zonden inhield zo leidt Fabre’s bloedoffer tot kunst.

img_6513   img_6517

Bloed is de basis van leven en kunst. En dat geldt ook voor de dood. Zie de zwierig geschilderde keuken- en jachtstukken van Frans Snijders(1579-1657). Met tafels vol pronkerig uitgestalde dode dieren: wild, gevogelte en vissen. Hoog tussen deze grootformaat schilderijen heeft Fabre een vijftiental menselijke schedels opgehangen met geprepareerde prooien tussen de tanden: waterhoen, patrijs, mol, konijn. Al wordt deze jachtbuit afgewisseld met kwasten van verschillende soorten dierenhaar. Hoewel de schedels door hun beperkte omvang niet direct opvallen werken ze eenmaal opgemerkt als luidsprekers: memento mori. Niet in het minst doordat ze zijn samengesteld uit groenblauw glinsterende dekschildjes van juweelkevers. Een van de originele materialen waarop Fabre al jaren patent heeft en eerder een plafond in het koninklijk paleis te Brussel bekleedde.

img_6380

De levendig iriserende keverschildjes komen nog meer tot hun recht in Vanitas vanitatum, omnia vanitas (ijdelheid der ijdelheden, alles is ijdelheid). Een serie grote mozaïeken(2016) die ondermeer schilderijen van Jacob Jordaens en de Haarlemmer Goltzius flankeren.

jf_2266_result     jf_2253_result     Briljant improviserend met motieven als geraamtes, honden en uurwerken wekt Fabre de eeuwenoude dodendans-traditie tot leven. Samen met zwiepende staartklokken en een hondenskelet danst een geraamte extatisch rond. Op andere mozaïeken is de dood eveneens springlevend. Voorbij snellend als olympisch hardloopkampioen of lustig tamboererend op de trommel die de plaats van zijn schedel heeft ingenomen. Al lijkt zijn trouwe gezelschapsdier slechts geïnteresseerd in een kluif. Elders pissen twee honden zelfs in de vrijwel tandeloze mond van een schedel. Bij de 17e schilderijen waarop honden als symbool van trouw figureren plaatst Fabre dus een kanttekening. Stamt de term cynisme niet af van het oudgriekse woord voor hond? Middenin de zaal staan bovendien twee met keverschildjes bedekte hondenskeletten opgesteld, beide met een opgezette ara in hun bek.

Visitors look at the Belgian artist Jan Fabre's artwork "Fidelity and the repetition of death" during the exhibition "Knight of Despair Warrior of Beauty" displayed at the Hermitage State museum in Saint Petersburg, on October 21, 2016. More than 200 artworks of the Flemish artist are displayed until April 2017. / AFP PHOTO / OLGA MALTSEVA / RESTRICTED TO EDITORIAL USE - MANDATORY MENTION OF THE ARTIST UPON PUBLICATION - TO ILLUSTRATE THE EVENT AS SPECIFIED IN THE CAPTION

Fabre: ‘Al mijn werk speelt zich af in het post mortem stadium of life. Ik ben twee keer in coma geweest en daardoor is mijn werk heel sterk gekleurd geworden. Mijn werk is feitelijk een constante celebratie van de dood uit respect voor het leven.’

fabre-prenten-1_result            fabre-prenten-14_result

In tegenstelling tot de hond werd de kat in de christelijke kunst als immoreel afgeschilderd. Als duivelse handlanger bovendien van de vrouw. Van Eva, die als hoofdschuldige van de zondeval werd aangewezen. In zijn kattentekeningen speelt Fabre met de eeuwenoude beeldvorming omtrent het geheime pact tussen vrouw en kat. Al lijkt van kattekwaad geen sprake. We zien een meisje en een kat een dansje maken, een meisje een bedlegerige kat verplegen, een meisje en kat samen keurig aan tafel van een hapje en wijntje genieten en een meisje het rechtopstaande dier zelfs het alfabet leren. Beschaafder kan het bijna niet… Maar juist daardoor bekruipt je het gevoel dat hier slechts een toneelstukje wordt opgevoerd en dat er onder de etiquette van alles broeit.

img_0451         img_0452

En inderdaad: in de Anthonie Van Dijck-zaal heeft een regelrechte volksopstand tegen de gevestigde orde plaatsgevonden. L’histoire se repète: de Engelse koning Charles I- ten voeten uit geschilderd maar in 1649 afgezet en onthoofd-, en leden van de adel en rijke bourgeoisie, moeten hier plotseling het gezelschap van gewone mensen dulden. Erger nog: van gewone vrouwen die zelfs uit wit Carrara marmer zijn gehouwen. En daarbij nog een carnavalesk punthoedje dragen ook! Mijn koninginnen (2016), zo heet de serie massieve bas-reliëfs met profielportretten van Fabres actrices en medewerksters die al jarenlang zijn kunst- en theatercompagnies Angelos en Troubleyn runnen. Tijdens de opening bleken de vrouwen zeer geroerd, Fabre had zijn werk aan hun portretten voor hen verborgen gehouden. Boven hen uit torent een vrijstaand beeld van prinses Elizabeth, de toekomstige koningin van België.

img_0457

Niet in statig gewaad maar ontspannen lachend in vrije tijdskleding en ook met punthoedje. Fabre’s interventie keert zich immers niet tegen de monarchie als instituut, zoals de Februarirevolutie van 1917.                                                                                                               ‘ Het is een hoofse viering van women power’, zo zegt hij. ‘ Dat mijn land een vrouwlijke koningin krijgt is toch mooi? Vrouwen zijn voor mij altijd de mooiste krijgers van de wereld geweest. Dat vind je ook in mijn theaterteksten terug. Het zijn de vrouwen die de wereld op hun rug dragen. Maar je leeft hier in Rusland in zo’n extreme macho maatschappij, dat besefte ik eerst niet. Daarom zijn deze vrouwen-portretten een pièce de resistance geworden. In het museum had ik tweehonderd mannen voor mij werken en vijf jonge vrouwlijke kunsthistorici. Die meisjes werden constant neergehaald. Die mannen misdroegen zich zo erg dat ik drie dagen voor de opening ben uitgebarsten en heel mijn team heb teruggetrokken. Omdat ik het beu was. Toen zijn ze in dit hotel komen onderhandelen, ik heb gezegd: ik wil die en die niet meer zien.’                        Fabre’s emancipatorisch werk is schatplichtig aan zijn 16e eeuwse Vlaamse voorgangers die scènes uit het dagelijkse leven van het gewone volk schilderden. Inclusief boerenbruiloften en andere festiviteiten. Want gefeest werd er, alsof het leven er vanaf hing. Vooral tijdens de beklemmende Spaanse terreur die Pieter Breughel op onnavolgbare wijze voelbaar maakte.

 fabre-prenten-50_result         fabre-prenten-52_result

Nog steeds is de Belgische kalender uitzonderlijk rijk aan folkloristische feesten, waarvan inmiddels meerdere zijn opgenomen op Unesco’s werelderfgoedlijst. En ook op Fabre’s lijst, getuige de 34 tekeningen van processies en carnavals die hij in de zaal met ondermeer De Kermis van Pieter Breughel de Jongere hing. Bontgekleurde stoeten uit verschillende steden trekken voorbij. Janneke en Mieke, de vriendelijk knikkende reuzen uit Leuven. Leden van het Brusselse kruisbooggilde, clownesk geschminkt, in boerenkiel of met hazenmasker. De steltenlopers van Namur die elkaar al sinds 1411 jaarlijks spectaculair bevechten. De kruisdragende boetelingen uit Veurne in hun bruine boetepij.

  fabre-prenten-45_result 

En natuurlijk de wereldberoemde Gilles de Binche in zwart, geel en rood met hun imposante hoed met struisvogelveren tot wel 90 cm hoog. In plaats van de gebruikelijke sinaasappelkorf heeft Gille een bommetje met brandend lontje in zijn hand. Maakt Fabre zich hier schuldig aan buitenlandse inmenging en terroristische propaganda?                    ‘Om al die carnavalwerkjes heb ik roodfluwelen passepartoutjes gemaakt. Feitelijk zijn het pralinekes met een gevaarlijk bommetje erin. Want ik heb er allemaal subversieve elementen in gestoken die ze hier in Rusland niet aanvaarden. Omdat ze er angst van hebben. Zoals de Voil Jeanetten van Aalst: mannen in versleten vrouwenkleding. Maar doordat ik verwijs naar de Breughels aanvaarden ze dat toch, al blijven die werkskes een Trojaans paard…’.                                                                                                                    Zouden Russische Hermitagebezoekers de hint ter harte nemen? Tijdens Maslenitsa, het traditionele, aan carnaval verwante Russische pannekoekenfeest is van een machtsoverdracht, een omkering van de sociale hiërarchie, normen en geboden, amper sprake. In het huidige Rusland, wordt publieke bespotting van de geestelijke en wereldlijke macht bovendien niet getolereerd.

koekli

Nadat Poetin in 2000 president was geworden maakte hij dadelijk een eind aan Kukly, de satirische poppenshow op tv-zender NTV, die de politieke elite inclusief hijzelf op de hak nam. Waarmee de toon was gezet, sindsdien zijn dissidente stemmen in de media en de kunst grotendeels het zwijgen opgelegd. Wat niets afdoet aan het feit dat Fabre’s in vergulde lijstjes gevatte carnavalstekeningen een subtiel en kleurrijk hoogtepunt vormen op zijn expositie.

kabakov  ilya-and-emilia-kabakov-painting-for-the-installation-the-red-wagon-7
Naast zijn dialoog met de oude meesters in het hoofdgebouw van de Hermitage brengt Fabre een hommage aan Ilya Kabakov(1933) in het Generale Stafgebouw aan de overkant van het Paleisplein. Hier staat namelijk diens befaamde monumentale installatie Rode Wagon (1991). In feite een 9 meter lange wielloze bouwkeet. Aan de buitenkant met sociaal realistische schilderijen versierd en van binnen met een muurschildering van de ideale, harmonieuze sovjetstad. Met in de onbewolkte lucht een luchtshow met tweedekkers, heteluchtbalonnen en zeppelins. Voor de ingang een constructivistisch bouwsel met ladders die nergens naar leiden, in ieder geval niet de hemel bereiken. Kortom een parodie op de Sovjet-utopie en het gefrustreerde engagement van de Russische constructivisten.

img_0104                                      img_0123

Fabre’s houten Knipschaarhuis(1989) lijkt een bevestiging van de eeuwige kloof tussen droom en werkelijkheid. Het geheel blauw bekraste huisje is in feite een van de vele Bicbalpentekeningen langs Fabre’s Hermitageparcours, die bovendien al jaren tot zijn standaardrepertoire behoren. Al is deze dan driediemensionaal en toegankelijk. Aan weerszijden lokken open deuren je naar binnen, maar daar is alleen een trap die slechts naar het plafond voert. Een kapelletje voor gefnuikte verwachtingen, voor de blues.

img_0105                          img_0100

Even verderop blijkt een verguld evenbeeld van de kunstenaar zich zelfs te hebben opgeknoopt: Gehangene II (1979-2003) Ook voor een golden boy kan het leven ondraaglijk worden, maar misschien raakte hij door zijn verlossing pas werkelijk verguld. Of Fabre zijn evenbeeld nu zelfmoord laat plegen of vermoord, het is het begin van een wederopstanding. De mens Fabre blijft natuurlijk een metamorfisch wezen. Dat zagen we reeds eerder op het parcours, bij een zevental bronzen zelfportretten voorzien van gewei, hoorn of ezelsoren(Hoofdstukken 2010). En ja hoor, daar treffen we hem alweer middenin het leven, eveneens verguld achter een tafel met microscoop. Net als zijn voorvader de 19e eeuwse entomoloog Jean Henri Fabre verdiept in de wonderlijke wereld der insekten: Ik aan het dromen(1978).

img_0151                    img_0148

Uiteindelijk vereenzelvigde Jan zich zo met zijn studieobject dat hij zich zelfs tot juweelkever verpopte. In 1997 voerde hij namelijk een surrealistisch-filosofisch gesprek in keverkostuum met Kabakov in vliegenpak. De Rus gebruikte de vlieg en het vliegen immers als metafoor voor zijn commentaar op de hemelbestormende communistische aspiraties. Vanaf het dak van Kabakovs New Yorkse appartement kozen beide uiteindelijk het luchtruim, zo toont de performancevideo. Blijkbaar hadden Icarus en het Sovjetdebacle hen geleerd om niet te hoog en te dicht bij de zon te vliegen: de beide door Fabre ontworpen kostuums prijken ongeschonden en trots in de Hermitage. Daar kan geen Sojoez-ruimtecapsule aan tippen.

img_6617

Fabre moest ook wel heelhuids op aarde terugkeren want daar was nog asielwerk te doen. Honden mogen dan nog zo trouw zijn, tijdens de vakantie worden ze niet zelden gedumpt. Dus moest Fabre nog enkele monumentale installaties voor afgedankte huisdieren oprichten, zoals Het carnaval van de dode straathonden(2006). Roerloos hangen de geprepareerde en met feesthoedje uitgedoste dieren temidden van een glinsterregen van gekleurde slingers en confetti in de lucht. Alsof ze zo in extatische trance raakten dat ze gingen zweven. Zinspeelt Fabre ook op Laika, het Russische straathondje dat in 1957 als eerste levend wezen de zwaartekracht overwon en rond de aarde cirkelde maar aan oververhitting en stress overleed? Evengoed roepen de zwevende dieren associaties op met mystieke levitaties, die ondermeer aan Franciscus en mystica Hadewijch van Antwerpen werden toegeschreven. Dat hij wel en zij niet werd heiligverklaard kwam ook doordat leviterende vrouwen van hekserij werden verdacht. Tijdens de middeleeuwse heksen-vervolgingen moest hun duivelse bondgenoot de kat er eveneens aan geloven. Ook daaraan refereert Fabre in Het reclameren van de dode straatkatten(2007).

img_6651

Een pendant van de hondeninstallatie met negen opgezette katten tussen melkwitte slingers, inclusief soundscape met over glas krassende nagels en klagende vrouwenzang. Een werk dat wellicht ook de vrouwen van Pussy Riot zal aanspreken, die in 2013 in de Christus-Verlosserkathedraal Maria met een punkkreet vroegen om Rusland van Poetin te verlossen. Waarvoor ze eenentwintig maanden in een strafkamp zaten.                                 Is Maria ook niet de patrones van de stad Antwerpen? Fabre: ‘Ik kom uit een heel sterke moeder voort. Helena Troubleyn, de naam ook van mijn theatercompany. Ben opgevoed door een fantastisch mooi sexy koppel, een heel wijze sexy madam en een heel sexy vader. Door de anarchie van de liefde konden die steeds op een mooie manier duelleren. Daardoor zijn ze altijd verliefd gebleven. Op een gegeven moment waren ze vijftig jaar getrouwd. Mijn moeder komt bij mij bellen met haar koffer: ’Ik kom bij jou wonen m’n zoon. Het gaat niet meer goed met mij en uw vader. Al een week lang raakt ie mij niet meer aan in bed.’ En ik zeg:‘Met de koffer naar huis, ge moogt bij mij niet binnen.’ Vrijdags gebeurd en zondags ging ik regelmatig met mijn vader naar het voetbal. Dus ik zeg:‘Pa! Wat is ‘t jong? Ja Jan, hele week zit ze aan mijn kop. Ik moet dit doen, ik moet dat doen en dan ‘s avonds in bed heb ik geen sex gegeven…’                                         Inmiddels oogstten Fabre’s opgezette dieren een storm van kritiek op Russische sociale media. ‘Dierenmishandeling ‘, ’Dode dieren is geen kunst’, zo werd geschreven. Ook verschenen nepberichten als zou er sprake zijn van gekruisigde katten. Het museum hield de poot stijf: ‘Fabre probeert de doodgevonden dieren een nieuw leven te geven via de kunst om zo de dood te overwinnen’. Die uitleg werd niet door iedereen geaccepteerd. Ook politici , dierenactivisten en orthodoxe geestelijken beklaagden zich: ‘Psychologisch sadisme’, ‘onmenselijke tentoonstelling van een westerse perverseling’, ‘een expositie die spuugt op de ziel van het Russische volk.’ Via de hashtag#shameonhermitage werd opgeroepen tot sluiting en ontslag van de directeur.

00-hermitage-cats-russia-st-petersburg-10-25-10-14

Anderen herinnerden juist aan de vele opgezette dieren in zoölogische musea. De Hermitage zelf bracht zijn legendarische verdedigers in stelling: de hashtag #catsforfabre toonde de Instagramaccount met foto’s van de zeventig springlevende huiskatten die in de kelder de ratten bedwingen. Een briljante zet die massaal werd gedeeld. Curator Dimitry Ozerkov merkte fijntjes op dat de verkoop van honden en kattenbont niet illegaal is in Rusland en Europa: ‘De reactie van het publiek toont aan dat dit een grootse tentoonstelling is die de samenleving raakt waar het pijn doet. Bovendien komt de grote meerderheid van negatieve reacties van mensen die de expo niet bezocht hebben.’ Het Russische ministerie van cultuur gaf intussen een verklaring uit zich niet in het debat te mengen en de onafhankelijkheid van het museum te respecteren.

 
i_11f1  img_6627

Umbraculum, ofwel letterlijk schaduwparasol, zo heet de baldakijn die de paus beschermt. Het is ook de titel van de installatie(2001) die het slotstuk vormt van Fabre’s expositie. Van zijn spel van echo’s, spiegelingen, associaties, verwijzingen en commentaren. Zeven ouderwetse zaagmachines op houten klosjes en een soundscape met raspend zaaggeluid roepen de sfeer van vergane industrie op. Daartussen de contouren van breugheliaanse monniken in pij met hoofdkap die geheel uit gezaagde botten zijn opgetrokken. Ingewanden hebben ze niet. Alleen een uitwendig skelet, zoals het beschermende exoskelet van kreeften en insekten. Boven hen zweven de overbodig geworden rollators, rolstoelen en krukken, bekleed met glinsterende dekschildjes van juweelkevers. Als votiefgeschenken uit dank voor genezing. Dit alles in het halfduister met op de groene wanden dansende schaduwen en tegen de achtergrond van een monumentale wederopstanding van Rubens. Waardoor het geheel de sfeer van een kapel ademt, een kapel voor de definitieve verlossing van de menselijke kwetsbaarheid. Niet alleen de grand finale van deze tentoonstelling, maar ook de ultieme maakbaarheidsdroom. De droom om onkwetsbaar te zijn als een god. Apotheose betekent ook letterlijk ’de verheffing van mens tot god’. Daarmee gaat natuurlijk de menselijkheid verloren, zoals Kabakovs wielloze Rode Wagon impliciet suggereerde. Maar op zich is die droom bovenal menselijk. En wie droomt is niet dood.
Rogier Ormeling Tableau Magazine januari 2017

Jan Fabre Knight of Despair/Warrior of  Beauty

t/m 30 april The State Hermitage Museum

Sint Petersburg Rusland http://www.hermitagemuseum.org

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

In Memory of Zygmunt Bauman

1451504427_675885_1451509881_noticia_fotograma

 

One of the great thinkers of our liquid times has passed away.

Modernity’s essential promise was that it would relieve human beings

from the caprices of nature and give them power over their own fate.

Actually modernity brought us the Holocaust and new forms of liquidity

and insecurity which led to overwhelming feelings of anxiety and impotence.

Even at 90 Zygmunt Bauman had the unbelievable mental power and guts

to keep on looking into the abyss which is inherent to every civilisation and

even more to modern ones because the consequences are so devastating.

Take for instance also the ecological destruction, the mass production of

household and industrial waste and not in the least human waste in the

guise of millions of  ‘superfluous’ refugees, unemployed and other marginalized groups.

As a Polish Jew who survived Hitler he knew that the only way you can

avert disaster is by taking the worst case scenarios into account. When I

heard of his death I stood still in front of my bookcase and remembered

how all of the six of his books I read tingled and pained my nervous system

because of his anatomy, his laying bare the anxious nerves of modern life.

Glad to have been seated in the front row during one of his great readings

where I could almost feel the immense power of his spirit.

Thank you, thank you mr Bauman…awesome man, I will keep on consulting

your books.

R. O

 

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Poetin kan onze vriend niet zijn

 

ows_148167128052390

POETIN KAN ONZE VRIEND NIET ZIJN  (tekst Nederlands Dagblad 2 januari 2017)

’Rusland wil geen confrontatie met wie dan ook. We kunnen het niet gebruiken. We zoeken geen vijanden en hebben die ook nooit gezocht. We hebben vrienden nodig.’ Zo zei Poetin op 1 december tijdens zijn jaarlijkse toespraak tot de Russische natie. Ondertussen waren Russische vliegtuigen bezig om Aleppo met de grond gelijk te maken. Je moet immers wel heel blind zijn om niet te zien dat Poetin geen middel schuwt om het Russische imperiale rijk te herstellen en de ’decadente’ liberale democratieën te destabiliseren. Al in maart stelde Amnesty International dat de Russische en Syrische luchtmacht opzettelijk en systematisch ziekenhuizen en andere medische faciliteiten bestoken. Een flagrante schending van het internationale humanitaire recht, een oorlogsmisdaad. Artsen zonder Grenzen, het Internationale Rode Kruis en Unicef lieten zich in vergelijkbare bewoordingen uit. Al jarenlang laten de door het Kremlin gecontroleerde massamedia, en dat dag in dag uit, een parade van buitenlandse en binnenlandse vijanden voorbij trekken die er op uit zouden zijn Rusland te ondermijnen. Dat slachtofferige verhaal vormde en vormt de rechtvaardiging voor Poetins agressieve imperialistische beleid in Tsjetsjenië, Georgië, Oekraine en elders. De rechtvaardiging ook voor zijn ontmanteling van democratie en rechtstaat, de lawine aan repressieve wetten die vooral sinds 2012 door de Doema zijn gejaagd. Poetin heeft vijanden nodig om aan de macht te blijven. Als ze er niet zijn dan creërt hij die. Het Russische volk dient immers te geloven dat de zwakke economie niet te wijten is aan een eenzijdige afhankelijkheid van olie en gasprijzen maar aan het vijandige Westen en dat hij daarom onmisbaar is. Na de annexatie van de Krim verklaarde de Russische historicus Nikita Petrov van mensenrechtenorganisatie Memorial: ’Poetin staat in traditie van Lenin en Stalin. Hij denkt in vijanden. Dat is de KGB-er in hem.’                       De Nederlandse historica en specialist in de Internationale Betrekkingen Laurien Crump vindt echter dat Poetins oproep tot dialoog serieus dient te worden genomen. ’Het lijkt alsof Poetin zich de huidige NAVO-doctrine van een sterke defensie gekoppeld aan een betekenisvolle dialoog heeft eigen gemaakt’, schreef ze op 13 december in een opiniestuk in de NRC. Je zou echter evengoed kunnen stellen dat Poetin al jaren een strategie hanteert die uit de keuken van vadertje Stalin afkomstig is. Stalin droeg er immers nauwlettend zorg voor altijd het tegenovergestelde te zeggen van wat hij deed en het tegenovergestelde te doen van wat hij zei. Een verzoenende toon ging steevast gepaard met een hardere opstelling of andersom: een matiging in de buitenlandse politiek ging onveranderlijk hand in hand met een radicale zuivering in de Communistische partij. Laurien Crump besloot haar betoog met: ‘Als wij Poetin geen plek aan de Europese onderhandelingstafel geven zal hij op andere manieren Ruslands plek op het wereldtoneel claimen[..] Ook wij hebben vrienden nodig.’                                                                                                                            Alsof Poetin Europa’s vriend zou kunnen zijn. Van een gefragmenteerd Europa ja, waarin de diverse landen tegen elkaar kunnen worden uitgespeeld. Terwijl Poetin zich lang beklaagde over het feit dat het Westen haar politieke model naar Rusland wilde exporteren blijken zijn cyberspionnen de Amerikaanse verkiezingen te hebben gemanipuleerd. Wat de inbraak in de computers van het Democratisch Nationale Comité en Hillary Clintons campagnemanager John Podesta en de eindeloze stroom van gelekte emails via Wikileaks precies voor invloed hadden op de kiezer zullen we nooit weten. Maar waren er niet slechts enkele tienduizenden stemmen in vier Rust Belt staten nodig om de balans ten gunste van Donald Trump te doen doorslaan? Was hier soms geen sprake van een ongeëvenaarde aanval op het fundament van de Amerikaanse democratie? Het Kremlin heeft bovendien zijn aloude specialiteit: de verspreiding van nepnieuws en desinformatie, op succesvolle wijze naar het westen geëxporteerd. (Volgens Oxford Dictionairies is post-truth het woord van het jaar 2016, noem het post-pravda of gewoon pravda.) Gevreesd wordt dat een zelfde scenario zich rondom de Duitse verkiezingen gaat afspelen. Tegelijk lijkt het of een toenemend aantal Europeanen aan een soort Stockholm syndroom lijdt, het verschijnsel dat de gegijzelde sympathie voor de gijzelnemer krijgt. Zodra Poetin het geringste toenaderingsgebaar maakt staan Europeanen in de rij om de Russische beer te omhelzen. Zoals eerder de Hongaarse premier Viktor Orban. Onlangs meldde de Hongaarse inlichtingendienst echter dat Russische diplomaten openlijk hadden deelgenomen aan paramilitaire trainingsoefeningen met het Hongaarse Nationaal Front. Een lid van deze neo-nazi groep stond reeds bekend vanwege zijn website waarop hij pro-Kremlin propaganda verspreidde. Hongaarse media publiceerden inmiddels emails waarin de groep mogelijke financiering vanuit Moskou bespreekt. ’Terwijl Orban zich als geen ander jegens EU-sancties tegen Rusland verzette lijken Poetins veiligheidsdiensen dus ondertussen extremistische alternatieven te steunen,’ stelde de Washington Post op 1 december in een hoofdredactioneel artikel. Met zulke vrienden heb je geen vijanden meer nodig. Natuurlijk is het van groot belang dat Europa en Rusland in gesprek blijven. Met name in de NAVO-Rusland Raad waar veiligheidskwesties aan de orde moeten worden gesteld. Dat kan in een vriendschappelijke sfeer maar wel in de wetenschap dat Rusland zolang het een mondiale cyber- en informatie oorlog tegen de democratie voert nooit onze vriend kan zijn

Rogier Ormeling (opinie Nederlands Dagblad)

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Robert Rauschenberg in Tate Modern

http-_com-ft-imagepublish-prod-s3-amazonaws-com_75494b82-b837-11e6-ba85-95d1533d9a62Monogram 1955-59

Als weinig anderen verlegde Robert Rauschenberg(1925-2008) de grenzen van de kunst.  Hij hoefde maar naar buiten te gaan om inspiratie op te doen, last van artist’s block heeft hij nooit gehad, de ideeën lagen in New York op straat. Zo sleepte hij alle mogelijke gevonden afval mee naar zijn studio: kapotte radio’s en klokken, autobanden, blikjes, paraplu’s, verkeersborden, opgezette dieren, kartonnen dozen etc.  Alles kon als materiaal dienen en tot kunst worden verheven. Tegenwoordig wemelt het van kunstenaars die  afval recyclen maar eigenlijk zijn ze allen schatplichtig aan Rauschenberg, de recycling artist avant la lettre pur sang. Neem zijn geit en zijn eigen bed, beide werden als een palet met verf bestreken waardoor je je afvraagt of er nu sprake is van een sculptuur of een schilderij.  Geen kunstenaar was democratischer, zijn werk vormt een ongeëvenaarde afspiegeling van de explosieve groei van consumptiegoederen en mediabeelden die zich in de jaren vijftig en zestig voordeed.  De duizelingwekkende gelijktijdigheid der dingen en indrukken waarin je zelf betekenis moet scheppen, vormde  de kern van zijn werk.

55-002                               206-002Satellite 1955                                                       Historic Detour (scenario) 2006

92-064_0 Stake-out (Urban Bourbon) 1992

 

Tate Modern toont tot 2 april 1917  een groot retrospectief dat slechts jubelende recensies kreeg: . Robert Rauschenberg

 

In 2008 schreef ik voor het Financieel Dagblad een recensie over Travelling 79-76 een Rauschenberg-expo in het Haus der Kunst in München.

tate-modern   Bed(1955)

DE WERELD ALS BRANDSTOF

Ongetwijfeld zouden Hitler en zijn nazi’s Robert Rauschenberg hebben verafschuwd.  En vooral het feit dat diens kunst momenteel in het Haus der Kunst in München wordt tentoongesteld. Uitgerekend in hetzelfde neoclassicistische bouwwerk dat in 1937 zo triomfantelijk werd geopend als cultuurtempel van het Derde Rijk, onder de naam Haus der Deutschen Kunst. In alle opzichten stond Rauschenberg diametraal tegenover de nazi’s en hun rampzalige streven naar zuiverheid. Geboren en getogen in het Texaanse olieraffinagestadje Port Arthur, was hij niet alleen van Duitse, Nederlandse, Zweedse en Cherokee-Indiaanse afkomst, ook zijn kunstwerken zijn hybrides van alle mogelijke materialen en technieken.
Nadat Rauschenberg in 1944-45 in een psychiatrisch ziekenhuis zijn dienstplicht heeft vervuld, studeert hij onder meer aan het Black Mountain College in North Carolina, onder voormalig Bauhaus-schilder Josef Albers. Vanaf het midden van de jaren veertig tot halverwege de jaren vijftig staat het college bekend als de invloedrijkste artistieke gemeenschap in Amerika. Hier begint Rauschenbergs levenslange creatieve samenwerking met componist John Cage en choreograaf Merce Cunningham. Alle drie doen hier mee aan een door Cage georganiseerde theatrale gebeurtenis die tegenwoordig als de eerste ‘happening’ wordt beschouwd.
Al op Black Mountain maakt Rauschenberg zijn zwarte en witte schilderijen, die deels een parodie zijn op de minimalistische monochromen van Barnett Newman. De All-Blacks (1951) zijn geschilderd op een ondergrond van kreukelige kranten wat de suggestie wekt van impasto, terwijl de White Paintings (1951) met een roller zijn geverfd. Beide series bestaan zowel uit één enkel paneel als uit diverse meervoudige panelen die gescheiden zijn door een subtiele naad. Het gladde oppervlak van de witten vangt onder meer de schaduwen van voorbijgangers. Niet alleen vervaagt daarmee de scheiding tussen kunstwerk en toeschouwer, in plaats van gefixeerde beelden zijn deze schilderijen veranderlijk als hun omgeving. Terwijl een deel van de naoorlogse kunst als reactie op het nazisme en stalinisme haar autonomie heeft afgekondigd, weerspiegelt Rauschenberg de omringende werkelijkheid. Integratie van leven en kunst is gedurende zijn hele carrière zijn voornaamste ambitie.

53-e001a

Aanvankelijk profileert Rauschenberg zich vooral ten opzichte van het tot dan toe dominante abstract expressionisme. Hoewel dit maar een label is voor een groep zeer uiteenlopende kunstenaars wordt deze stroming in de jaren vijftig het symbool van Amerika’s culturele vrijheid. Het abstract expressionistische gebaar geldt immers als spontane expressie van de unieke persoonlijkheid van de schilder. Bij wijze van antwoord creëren Rauschenberg en Cage Automobile Tire Print (1953). Nadat Rauschenberg een achterband met inkt heeft bestreken, rijdt Cage met zijn Model A Ford over een lange strook papier. Niets is minder authentiek en persoonlijk dan de profielafdruk van een autoband.

53-d001
In dezelfde herfst van ’53 klopt Rauschenberg aan bij Willem de Kooning, kopstuk van het abstract expressionisme. Of hij een van diens tekeningen mag uitgummen. De meester reageert sportief: ‘Oké, ik geef je een tekening, maar ik maak het je niet makkelijk.’ Uiteindelijk is de beeldenstormer vier weken bezig. Al blijkt hij nog eerbiedig genoeg om enkele sliertjes inkt en potlood te laten staan. Het monnikenwerk zal zijn vruchten afwerpen: Erased de Kooning Drawing (1953) verwekt genoeg schandaal om Rauschenbergs naam te maken.

1277 Canyon (1959)

Niet dat hij niets van het expressionistische gebaar moet hebben. Eenmaal verhuisd naar New York blijken drips, klonters en spetters tot zijn vaste repertoire te behoren. Door schilderkunst, sculptuur en fotografie met elkaar te vermengen doorbreekt Rauschenberg de traditionele grenzen tussen de kunstgenres. De Combines (1954-1964) zijn collages van verf, kranten, foto’s, ansichtkaarten, spiegels en al of niet op straat gevonden afval zoals kussens, kleding, lappen stof, paraplu’s, wekkers, bezems, fietswielen, autobanden en zelfs opgezette dieren. Zoals Rauschenberg zelf stelt, is hij bereid met alle materialen samen te werken.

54-009  http-_com-ft-imagepublish-prod-s3-amazonaws-com_69a79112-b837-11e6-ba85-95d1533d9a62Charlene (1954)                                                                         Untitled (Spread) 1983

Elk materiaal of alledaags voorwerp kan, met behoud van het eigen identificeerbare karakter, worden gerecycled en veredeld in een kunstwerk. De schijnbaar toevallige combinaties van ongerelateerde componenten zijn zowel een afspiegeling van de moderne stedelijke chaos als Rauschenbergs handelsmerk. Toch lukt het hem steeds weer om in die maalstroom van onvatbare zinspelingen een esthetische orde aan te brengen. Al is van een hiërarchie of plot geen sprake. ‘Dingen openlaten’, schijnt zijn meest gebezigde uitdrukking. Rauschenbergs kunst is net als het leven: op zich heeft het geen betekenis, je moet het zelf betekenis geven.

rauschenberg-retroactive-ii-724x1024                                w1siziisije5mzc3ocjdlfsiccisimnvbnzlcnqilcitcmvzaxplideznjz4mtm2nlx1mdazzsjdxqRetroactive II (1963)                                                    Signs(1970)

Met dank aan Andy Warhol houdt Rauschenberg zich vanaf 1962 vooral bezig met de fotomechanische zijdezeefdruk op canvas. Hoewel deze werken vanwege hun ondergrond schilderijen worden genoemd, zijn ze voornamelijk fotografisch. Door beelden en informatie uit de context van de massamedia te halen, levert hij commentaar op hun vluchtigheid en vereeuwigt hen tegelijk tot kunst. In tegenstelling tot Warhols onpersoonlijk koele schilderijen zijn die van Rauschenberg nadrukkelijk handgemaakt. Bij hem is niet alleen sprake van collageachtige overlappingen, maar ook van bewuste vergissingen in het zeefdrukproces en van het expressieve schildersgebaar. Net als in zijn Combines ligt aan deze encyclopedische hypercollages een ritme van zich herhalende thema’s en motieven ten grondslag. Het blijkt een succesformule wanneer hem in 1964 de Grote Prijs van de Venetiaanse Biënnale wordt verleend. Dadelijk geeft Rauschenberg zijn assistent echter de opdracht 150 zeefdrukschilderijen te vernietigen om zo het risico te verkleinen dat hij in herhaling zal vallen.
Rauschenbergs actieradius omvat te veel om op te noemen. Allerlei soorten prints, performances, choreografieën, decors, kostuums en belichting voor dansvoorstellingen, activiteiten voor de Amerikaanse burgerrechtenbeweging, sociale projecten voor noodlijdende kunstenaars en ga zo maar door. Ook richt hij in 1966 EAT (Experiments in Art and Technology) op, een organisatie die uitwisseling tussen wetenschap, techniek en kunst promoot. In samenwerking met ingenieurs creëert hij interactieve omgevingsinstallaties die door handelingen en geluiden van toeschouwers van vorm veranderen.

5418

Op de vraag wat zijn grootste angst was, antwoordde Rauschenberg ooit: ‘That I run out of world.’ Niet benzine maar de wereld was zijn brandstof. In het Münchense Haus der Kunst wordt echter ook duidelijk dat deze virtuoze alleskunner zich kon beperken. Als hij zich in 1970 terugtrekt in een strandhuis in Captiva Island, Florida, komt dat tot uiting in zijn werk. Het wordt eenvoudiger, meditatiever en laat meer aan de verbeelding over71-011_0   71-019_0                                        Volon (1971)                        Glass/Channel/Via Panama(1971)

De ironie wil dat hij op het afgelegen eiland de kartonnen doos ontdekt, symbool bij uitstek van de geglobaliseerde productdistributie en de supermarkt. In de serie Cardboards hangen de gevonden dozen plat uitgevouwen in allerlei vormen aan de muur. Daar tegenaan geplakte dozen steken echter weer sculpturaal de zaal in, zodat een spel tussen 2D en 3D ontstaat. Een van de kartonnen constructies hangt zelfs zodanig dat de illusie wordt gewekt van een wandkast met een licht geopende, nieuwsgierig makende deur. Gedrukte teksten als ‘Fragile Handle With Care’ lijken opeens van toepassing op het karton zelf in plaats van op de inhoud.

20080307_003   0837-008
Ook in de serie Early Egyptians (1973-74) vormt karton het basismateriaal. Ditmaal heeft Rauschenberg dozen met lijm ingesmeerd en daarna over het strand gerold. Opgestapeld en naast elkaar in installaties wekken ze associaties met monumentale Egyptische tempelcomplexen, onder woestzijnzand bedolven beschavingen, even vergankelijk als karton. Rauschenberg waakte er namelijk wel voor de illusie te vervolmaken. Hij blijft op de rand van fictie en werkelijkheid balanceren, zodat je niet vergeet dat hier vooral je eigen fantasie de ware kunstenaar is.

75-077 Mirage (Jammer 1975)

Alle geëxposeerde werken die al in Porto te zien waren voordat Rauschenberg in mei plotseling overleed, stammen uit de periode 1970-1976. In die jaren onderneemt hij ook reizen naar Venetië, Israël en India. Zo werkt hij in het Indiase Ahmadabad, in een door Gandhi gesticht textielcentrum, wat leidt tot de Hoarfrost- en Jammer-series. De Hoarfrost (dauw)-serie bestaat uit wazige collages van foto’s en krantenberichten, gedrukt op transparante stoffen die onstoffelijk ijl aan de muur hangen. In de Jammers, waarvan de titel aan het type zeilboot is ontleend, heeft Rauschenberg geometrische en monochrome stukken zijde aan elkaar genaaid. Feestelijk van kleur houden ze het midden tussen vlaggen, abstracte schilderijen en zeilen, maar ontsnappen aan elke categorie: zou dit soms pure schoonheid zijn?

foto-18- 5

foto-18- 5

Met de geringste middelen wordt in de serie The Venetians de sfeer van de Dogenstad opgeroepen. Een over de vloer uitgestrekt stuk autobandprofiel tussen twee H-vormige houtjes doet in de verste verte toch weer denken aan een gondola, zo zit Venetië al in ons hoofd. Tegelijk blijft het wat het is: bandprofiel en twee houtjes. Steeds weer liet Rauschenberg zien dat de wereld in de eerste plaats materie is, maar dat het ons vrij staat er van alles van te maken.

 

 

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen